Stadio Olimpico Rome

In de schaduw van Monte Mario

Hoe het Olympisch stadion van Rome uitgroeide van een forum voor het fascisme tot het decor voor historische Europacupfinales. Van een open arena tot een fabelachtig besloten ovaal met een beklemmende akoestiek.

Bij de Ponte d’Aosta over de Tiber staat de obelisk ter ere van Il Duce, Benito Mussolini. Daar begint ook de ‘Piazzale dell’Impero’, de promenade naar het stadion met aan weerszijden cipressen en mozaïeken van diverse sporttaferelen. Een indrukwekkend mooie omgeving met op de achtergrond de Monte Mario, één van de zeven Romeinse heuvels.

Tot aan de verbouwingen voor de wereldbeker 1990 was het stadion niet wat je een toonbeeld van uitzonderlijke architectuur kon noemen. Maar vanwege zijn ligging in dit prachtige kader kreeg het wel een aanzienlijke meerwaarde. Het kitscherige atletiekcomplex ‘Stadio dei Marmi’, met zijn standbeelden die zo weggeplukt lijken uit een smakeloze Hollywoodprent over het oude Rome, denk je best wel even weg.

Il Duce

De ligging van deze sporttempels mocht dan wel best idyllisch zijn, nobel waren de doelstellingen bij de bouw ervan allerminst. Zowel het Stadio dei Marmi als het Olympisch stadion – dat toen nog ‘Stadio dei Cipressi’ heette- maakten deel uit van het ‘Foro Mussolini’, een sportcomplex ter eer en glorie van de Italiaanse dictator.

Het Stadio dei Cipressi lag uitgegraven in een kuil. Daardoor werd het uitzicht op en vanaf de Monte Mario niet belemmerd. Mussolini wilde er in 1942 de wereldtentoonstelling en twee jaar later de Olympische Spelen organiseren maar hij zag zijn plannen gedwarsboomd door WOII. Ver weg was zijn droom om een stadion met honderdduizend plaatsen te laten verrijzen.

Pas op 17 mei 1953 werd het stadion, inmiddels in handen van het Italiaans Olympisch comité CONI- plechtig geopend. Italië ging er voor 80.000 toeschouwers met 0-3 ten onder tegen het Hongarije van Ferenc Puskas. Het stadion werd omgedoopt tot ‘Stadio Olimpico’ en het hele complex heette niet langer ‘Foro Mussolini’ maar wel ‘Foro Italico’. Ook het tennisstadion met 12.500 plaatsen maakt er deel van uit.

Arm tegen rijk

Het stadion was bij zijn in gebruik name een zeer rudimentair bouwwerk. Een open ovaal met een beperkte zichtbaarheid achter de doelen. De dichtste plaatsen in de curva’s Nord en Sud bevonden zich op maar liefst vijftig meter van de doellijn. Wie helemaal bovenaan zat, moest zelfs tweehonderd meter ver kunnen kijken. Bij de verbouwingen voor de wereldbeker van 1990 werden die twee uiteinden vergroot en dichter bij het veld gebracht wat de sfeer in de arena aanzienlijk ten goede kwam.

Het Stadio Olimpico werd de thuisbasis van de twee Romeinse clubs AS Roma en Lazio die tot dan aan de overkant van de Tiber gehuisvest waren. Al keerde Lazio, de ploeg van Mussolini, na de degradatie naar de Serie B al heel snel terug naar het PNF stadion (genoemd naar Mussolini’s Partito Nazionale Fascisita) dat het tot 1953 ook deelde met Roma. Het PNF stadion werd later de thuisbasis van de nationale rugbyploeg en omgedoopt tot Stadio Flaminio.

De tweestrijd tussen AS Roma en Lazio is er een tussen arm en rijk. De linkse politieke arbeiders van Roma tegen de middenklasse van Lazio.

Lazio – de naam verwijst naar de hele regio rond Rome- , rekruteerde zijn fans vooral in ‘Parioli’, vanouds de supporterswijk van Lazio in het Noordelijke deel van de stad. De aanhang van Roma is doorgaans afkomstig uit de Zuidelijk gelegen armenwijk ‘Testaccio’ waar de club tussen 1929 en 1940 in het gelijknamige stadion speelde.

Niet alleen beide Romeinse clubs namen in 1953 hun intrek in het Olympisch stadion, ook de nationale ploeg die tot dan doorgaans in San Siro (Milaan) speelde, vond er een nieuw onderkomen.

Voetbaltempel van grote finales

Met de Olympische Spelen van 1960 werd de Romeinse arena het centrum van de wereld waarna het zich in geen tijd ontpopte tot een heilige voetbaltempel waarin twee Europese kampioenschappen , een Wereldbeker en diverse Europese finales gespeeld werden.

Italië werd er in 1968 Europees kampioen na een 2-0 zege in de replay tegen Joegoslavië dankzij doelpunten van Riva en Anastasi. De eerste finalewedstrijd was op 1-1 geëindigd en het reglement voorzag toen nog geen strafschoppen. In 1980 veroverde West-Duitsland er Europees goud nadat het in de slotminuut dankzij een kopbaldoelpunt van Horst Hrubesch een verrassend sterk Belgisch elftal op de knieën kreeg.

Daarna doken de eerste problemen op in de arena die tot dan een oase van rust leek. De finale van de Europabeker voor landskampioenen in 1984 tussen Liverpool en AS Roma ontaardde in rellen nadat Lazio-aanhangers de fans van Liverpool wapens hadden bezorgd waarmee ze die ‘Giallorossi’ te lijf konden gaan. Op sportief vlak althans kregen ze hun zin want Liverpool won met de strafschoppen. Voor de Reds was dit al het tweede Europese succes in Rome. Zeven jaar eerder versloegen ze, gesteund door een legioen van 27.000 meegereisde fans, Borussia Mönchengladbach met 3-1.

AS Roma kende geen Europees succes in eigen huis. Nadat het in 1984 de geschiedenis inging als eerste ploeg die op eigen terrein een Europacup verloor, slaagde het er tien jaar later niet in om tegen Inter Milaan een 2-0 achterstand goed te maken in de finale van de Uefacup.

De finale van de Mondiale ‘90 in het Olimpico was een heruitgave van de eindstrijd vier jaar eerder tussen Argentinië en West-Duitsland. Maar in tegenstelling tot Mexico ‘86 waren het nu de Duitsers die de meest begeerde voetbaltrofee voor de derde keer mee naar huis namen dankzij een strafschop van Andy Brehme vijf minuten voor tijd.

Fascisme doet herintrede

Het fascisme leek ook definitief uit het Olimpico verdreven tot de Laziofans in de jaren tachtig er opnieuw de rechterarm strekten. Trouw aan zijn gedachtengoed wordt ‘Il Duce’ tijdens de derby door de ‘Irreducibili’ geëerd met verderfelijke spreekkoren aan het adres van de rivalen. ‘Auschwitz is jullie land en de gaskamers jullie huizen’ riepen ze in 1998 vanuit de Curva Nord naar de Curva Sud .

De Irreducibili (de onbuigzamen) zijn de meest gewelddadige ultra’s van Lazio en ontlenen hun naam aan de politieke gevangenen die de lippen op elkaar hielden. De organisatie ontstond in 1987 nadat ze op de Curva Nord de plaats van de ‘Eagles’ hadden ingepalmd. Gewapend met messen en kettingen verjoegen ze de Eagles die er tot dan hun vaste plaats hadden. Het befaamde vak met 10.000 plaatsen aan de Noordkant van het stadion is sinds dan het territorium van extreem-rechts. Je komt er ook niet zomaar in. Wie wil afdalen naar de onderste treden van de Curva, tot bij de 50 tot 100 echte ‘diehards’, kan dat enkel op uitnodiging.

Paolo Di Canio, gewezen sterspeler bij Lazio en het idool bij de Irreducibili was gek op het Olympisch stadion. “Ik was amper acht toen ik de tempel voor het eerst betrad”, vertelt hij in het boek Stades de Légendes van de Fransman Xavier Rivoir. “Wat mij meteen opviel waren de doelen. Die hadden zwarte netten en geen witte. Dat geeft een heel ander effect als er gescoord wordt. Ik heb het altijd al een stadion voor de televisie gevonden. Hoe verder je ervan stond, hoe mooier het was. Eens binnen in het stadion was het zicht op het veld al veel minder. Dat kwam door zijn ovaalvorm en uiteraard de atletiekpiste. Maar als speler van Lazio heb ik er wel prachtige momenten beleefd met als hoogtepunt scoren tegen Roma. Ik zie de gezichten van iedereen rondom mij nog haarfijn. Mijn ploegmaats, de bank, de ballenrapers, ja zelfs die van sommige fans in de tribunes.”

Technische fiche

Naam: Stadio Olimpico.

Clubs: AS Roma, Lazio.

Bouwjaar: 1953

Huidige capaciteit: 82.000 plaatsen.

Maximumcapaciteit: 86.500 plaatsen.

Recordopkomst:86.500 voor replay Finale EK 1968 Italië-Joegoslavië (2-0).

Europese finales in het Stadio Olimpico

Woensdag 25 mei 1977, Finale Europacup I

Liverpool – Borussia Mönchengladbach : 3-1

Doelpunten: 28’ McDermott 1-0, 51’ Simonsen 1-1, 65’ Smith 2-1, 84’ Neal (pen) 3-1

Toeschouwers: 56.000

Scheidsrechter: Robert Wurtz (Frankrijk)

Woensdag 30 mei 1984, Finale Europacup I

Liverpool – AS Roma : 1-1 ( strafschoppen 4-2)

Doelpunten: 15’ Neal 1-0, 44’ Pruzzo 1-1

Strafschoppen: Liverpool: Nicol (mist), Neal, Souness, Rush, A. Kennedy.

Strafschopen AS Roma: di Bartolomei, Conti (mist), Righetti, Graziani (mist)

Toeschouwers: 69.693

Scheidsrechter: Erik Fredriksson (Zweden)

Woensdag 22 mei 1991, Finale Uefacup (terugwedstrijd)

AS Roma – Inter 1-0 (heen 0-2)

Doelpunt: 81’ Rizzitelli 1-0

Toeschouwers: 70.901

Scheidsrechter: Joël Quiniou (Frankrijk)

Woensdag 22 mei 1996, Finale Champions League

Juventus – Ajax 1-1 (strafschoppen 4-2)

Doelpunten: 12’ Ravanelli 1-0, 41’ Litmanen 1-1

Strafschoppen:

Juventus: Ferrara, Pessotto, Padovano, Jugovic

Ajax: Davids (mist), Litmanen, Scholten,Silooy (mist)

Toeschouwers: 80.000

Scheidsrechter: Manuel Diaz Vega (Spanje)

Woensdag 27 mei 2009, Finale Champions League

Manchester United – FC Barcelona : 0-2

Doelpunten: 10’ Eto’o 0-1, 70’ Messi 0-2

Toeschouwers: 62.467

Scheidsrechter: Massimo Busacca (Zwitserland)

Klik hieronder voor de PDF

Stadio Olimpico Roma

About Author

Leave A Reply