When Celtic comes: de meest sociale en muzikale voetbalclub ter wereld (3)

Anderlecht ontvangt deze week Celtic Glasgow in het kader van de Champions League. The Hoops – een verwijzing naar de horizontale groene en witte strepen van het legendarische shirt – dragen een geschiedenis van ‘spirit, passie & pijn’ met zich mee. Celtic ontwikkelde zich tot meest sociale én muzikale voetbalclub ter wereld.  De wenende Rod Stewart op de tribune is een begrip geworden en nergens klinkt You’ll never walk alone mooier dan op Celtic Park. Daarnaast zette Celtic rond 1900 als eerste de trend van the beautiful game neer: aanvallend voetbal. To entertain the people. En beïnvloedde hiermee de grote wereldscholen van het voetbal. Een drieluikje over The Celtic Spirit!

 EEN VERTELLING VAN ROCKZANGER JIM KERR, OVER DE INVLOED VAN CELTIC OP SIMPLE MINDS

Celtic staat synoniem voor muzikale ambiance: van The Corrs over Frankie Miller tot Susan Boyle. Van The Dubliners over Sharleen Spiteri tot Snoop Dog. Van Rod Stewart over Noel Gallagher tot Paolo Nutini. Deze muzikanten komen openlijk uit voor hun groenwitte sympathie en gaven optredens voor aanvang van de wedstrijden op Celtic Park. Een van de beroemdste popfans is Jim Kerr van Simple Minds.

 I saw Jimmy Johnstone set the night on fire. Dirty Old Town, Dirty Old Town

De versie van Jim Kerr (1959), zanger van The Simple Minds, scheurt door mijn hoofd, op weg naar Celtic Park. Hij zingt het ter ere van, en ook mét, Jimmy Johnstone (1946). Bij het dribbelwonder uit de jaren zestig werd in 2001 de ongeneeslijke spierziekte Amyotrofische Lateraal Sclerose (ALS)  vastgesteld. In 2004 neemt Kerr – die beweert zijn zenuwen niet de baas te kunnen tijdens de ontmoeting met zijn jeugdheld  – de CD op en hij overhandigt de opbrengst integraal aan de Britse ALS-Stichting. De speciale versie van de klassieker Dirty Old Town klimt hoog op in de Schotse Top of the Popcharts. Vooral na de dood van Jinky op 13 maart 2006. Twintigduizend mensen volgden zijn begrafenisstoet, waaronder een delegatie van Glasgow Rangers. De dood dicht de kloven van het leven. De voormalige Rangersspits Willy Henderson, Johnstones boezemvriend en generatiegenoot, hield contact met hem tot op het laatste ogenblik. Tijdens de Leaguecupfinale Celtic-Dunfermline van drie dagen later gaven de groenwitte fans hem een fantastische minuut van ‘Loudest Roar’ als eerbetoon, hun typische lawaaierige en humoristische schreeuw. Jinky, de beste uit het groenwitte voetbalrepertoire en altijd in voor een geintje, glimlachte vanuit het graf. Jim Kerr is op zijn beurt een verspreider van de Celtic Spirit:  aanvallend voetbal, muziek met een melancholische tik, zelfspot en lotsverbondenheid met de zwaksten. Die filosofie wordt overgedragen van vader op zoon.

Belfast Child, Mandela Day, Celtic Park

De zanger, vertolker van geëngageerde songs als Belfast Child en Mandela Day,  is het kleinkind van een katholieke Ierse immigrant en volgde aan de hand van zijn vader van zijn zevende af de matchen van Celtic. Kerr Senior, een overtuigde socialist, verduidelijkte hem de waarden achter de beroemde horizontale groenwitte Hoops (strepen op het shirt) en legde uit dat clubs als Chelsea en Real Madrid niet deugden vanwege hun verwantschap met respectievelijk de fascistische British National Party en de Spaanse dictator Franco.

Ik ontmoette Jim Kerr op 6 november 2008 in de bar van het Antwerps hotel.

Daar vertelde hij over de invloed van Celtic op Simple Minds, ook bassist Charlie Burchill draagt dezelfde geschiedenis mee. Hij putte er de inspiratie uit voor muziek, engagement en leven. En voor zijn songs: weemoedig, psychoanalytisch, maatschappijkritisch en tegelijk swingend.

‘Gorbals, Glasgow. Gelegen tussen Hampden Park en Celtic Park. De armste wijk van de stad. Daar staat mijn familiestamboom. Ik groeide er op tussen de kinderen van Ierse immigranten en katholieke Highlanders.  Harde tijden. Zij zochten werk op de scheepswerven en in de fabrieken. Celtic Football Club  was prominent aanwezig in het leven van mijn familie, van generatie op generatie. Mijn grootvader werd meegenomen door zijn oom. Die moet er dus vanaf het begin bij zijn geweest, rond 1888. Mijn vader bracht me voor het eerst naar Celtic Park in de zomer van 1967. Celtic troefde in een vriendschappelijke match Manchester United af met 4-1.  United stond daar met de Engelse wereldkampioenen Bobby Charlton en Nobby Stiles, en ook met George Best en Denis Law. Celtic had in mei in Lissabon de Europacup der Landskampioenen gewonnen. De hoogtijdagen van Real Madrid waren net voorbij. Fuck them. We baalden van Real. Mijn vader legde me uit waarom: Real genoot de steun van de Spaanse dictator Franco. We haatten onderdrukking omdat we die zelf aan den lijve ondervonden in Glasgow.’

Racism was everywhere against the Irish. We stood up for our rights!  

‘Wie met een Ierse achternaam door het leven ging, of van een katholieke school kwam, kon het schudden, stond onder aan de ladder en kreeg in het beste geval de slechtste jobs. In onze songs riepen we ideaalbeelden op van Ierland en sympathiseerden we met de rebellie. Zo ontstond er een schizofrene situatie. Ik ben Schots, geworteld in Ierland.  Ik ben onzeker over mijn lot. Mijn regering zit in Londen maar is niet direct vriendelijk voor mij, mijn voorouders sloegen op de vlucht uit hun vaderland voor het hongerdrama – the famine –  in het midden van de negentiende eeuw. Dus wie ben ik? Eén ding nam onze twijfels weg: Celtic Football Club! Daar voelden we ons thuis. We noemden het stadion Paradise. We vonden er onszelf en wisten op deze wijze wèl wie we wilden zijn.’

With Celtic: we know who we are!

‘Ik ben een Celt en Celtic Minded: we hebben een band met Schotland, Ierland, Wales maar ook met Bretagne en delen van Spanje. Het is een gevoel, een vertelling. Over verleden, eigenheid, rechtvaardigheid, muziek, melancholie, humor en feest. We just want to celebrate! In het stadion, in de pub, op straat. Ik juich de keuze van de oprichters van de club toe om haar Celtic te noemen: verwijzend naar de brug die wilde bouwen tussen Ierland en Schotland, tussen nieuwkomers en mensen die er al woonden. Celtic werd mede opgericht door een progressieve priester, met als bedoeling de ergste nood van de Ierse migranten te lenigen. Tevens gold het als een uitgestoken hand naar Glasgow.

Celtic was different: to build an identity for the Irish community, to give charities to the poor and to build bridges with Scotland. Open to all!

De geschiedenis van het oude Celtic stoelde op een politieke ondertoon:  we bouwden de Labour Party mee uit. Celticfans steunden de sociaaldemocratie. Rangers Football Club gold als het huis van de conservatieve Tory Party. De oude socialistische generatie van Celtic houdt nog steeds niet van sponsorrelaties met multinationals en had een afkeer van de oorlog in Irak. Barack Obama, a black man was voted! Ik sprak met mijn moeder. Zij herinnerde zich onmiddellijk de Detroit Riots van 1967. Na een politieprovocatie ontstond een opstand in de zwarte wijken van Detroit. Gevolg: vele doden (43), gewonden en arrestaties. In de jaren zestig stonden we achter de Kennedy’s. Bij Celticfans leeft een gevoel voor Obama. We steunen de underdog omdat we zelf altijd underdog zijn geweest.’

Shareholders-supporters

‘We begonnen als een charityclub  en momenteel zijn we een Public Limited Company. Dat geeft opnieuw een schizofreen gevoel, want het is ook pure business tegenwoordig. Celticfans kiezen voor beide: meedraaien aan de wereldtop en tegelijk hebben we een zucht naar basisdemocratie. Onze shareholders zijn ook emotionele supporters. Celtic PLC zal één van de weinige bedrijven ter wereld zijn waar mensen geen aandelen kopen om winst te maken, maar uit emotionele overwegingen. Ik ben één van die shareholder-supporters. We identificeren ons volledig met Celtic. Je kunt veranderen van vrouw, van politieke partij, van geloof, maar niet van clubkleuren. Wij zijn gulzig en willen alles: het behoud van onze sociale tradities en één van de rijkste clubs ter wereld zijn. Celtic is een cultureel fenomeen.’

Celtic Football Club has changed the life of the Irish community

 ‘I do think so! Mijn ouders en grootouders leefden in extreme omstandigheden. De club bood hen een houvast. Ik haalde zelfvertrouwen en lef uit het grote Celticteam van mijn jeugd: dat van coach Jock Stein en van dribbelaar Jimmy Johnstone, tussen 1965 en 1975 Europese top, a big name in European football. Ze speelden als eersten ‘totaalvoetbal’, nog voor de Nederlanders het deden, maar ze voerden het op in een chaotische versie. Celtic was creatieve chaos. The Celtic Way of Football: to entertain the people!  Aanvallen met passie. We houden er niet van als we moeten knokken om een punt te pakken. We speelden met wingers. Iedereen viel aan, onze voorstopper maakte goals en onze linksachter was dribbelvaardig. Celtic was making us so proud then. Glasgow was a city of crime. No future, really no future! But we had a team! Celtic schonk ons de durf en vastberadenheid om met een muziekband te beginnen. Door Stein en de spelers, allen uit een straal van 40 km rond Celtic Park, voelden we ons sterk genoeg om door te breken. We werden Simple Minds! De muzikale invloeden bij de fans, de fantastische zangpartijen spruiten voort uit onze Ierse achtergrond.’

Celebrating is part of our culture: we sing, we dance, we party, we laugh, we drink!

‘Mijn beste vriend is een Rangersfan en hij begrijpt het niet. It’s a vibe! Wij aanvaarden verlies, met een lach en een traan. Daar ligt het verschil met supporters van Engeland en Rangers: zij vechten na een nederlaag. It’s part of our nature, maar maakt ook deel uit van onze reactie tegen Engeland en Rangers: wij doen het anders, op onze wijze, vredelievend en humoristisch. Met zelfspot. Tijdens de UEFA Cupfinale van 2003 kwamen uit alle hoeken van de wereld 100000 Celticfans naar Sevilla toegestroomd. Mensen bleven thuis van hun werk, kinderen spijbelden. We zwommen in de fonteinen en we sliepen in de tuinen van de stad. Celtic verloor, maar we vierden feest. Celticfans willen meer doen dan naar de match kijken. They go to celebrate. Deze sfeer bestond volgens de verhalen al in de tijd van mijn grootvader. In Sevilla toonden we de wereld de ware aard van de betekenis van Celtic. Eén van mijn mooiste muzikale belevenissen vond ik mijn samenwerking met Jimmy Johnstone. It’s a sad story. Jimmy was onze topper op het einde van de jaren zestig, de beste voetballer uit onze geschiedenis, de Johan Cruijff van Celtic. Hij gedroeg zich op het veld als een soort Charlie Chaplin. Hij deed onverwachte dingen, bracht het publiek aan het lachen en draaide de tegenstanders dol. Zijn verhaal klinkt als dat van vele topvoetballers. Na hun carrière weten ze het niet meer. Jimmy raakte verslaafd aan de drank. In de laatste jaren van zijn leven leed hij aan de vreselijke spierziekte Amyotrofische Lateraal Sclerose. Ik wist dat hij een goede zangstem had en bood hem een benefietopname aan. Samen met Charlie Burchill, de gitarist van Simple Minds. Jimmy antwoordde: ‘Jij kan toch niet zingen Jim!’ Hij kwam aanzetten met een nummer van Bon Jovi. Ik wees dat voorstel onverbiddelijk af. We kozen uiteindelijk voor  de traditional Dirty Old Town. Ik wijzigde een zin in ‘I saw Jimmy Johnstone set the night on fire’. We scoorden een tophit en het nummer werd gezongen in het stadion. De opbrengst stonden we integraal af aan de organisatie die wetenschappelijk onderzoek verricht naar de ziekte.

Ook dat typeert Celtic en zijn fans. We delen graag. We steunen mensen die in de ellende zitten. We zetten nog steeds veel solidariteitsacties op, in Glasgow en de wereld. Spontaan of georganiseerd.

Ik ben zo blij dat we dit gedaan hebben, zodat ook ik kan zeggen: ‘Ik heb nog met Jimmy Johnstone gespeeld.’ Het gaf me hetzelfde gevoel als bij de organisatie van de Mandela Day. Ziedaar mijn twee jeugdhelden: Jimmy Johnstone en Nelson Mandela.’   I saw Jimmy Johnstone set the night on fire. Dirty old town, dirty old town.  De versie van Jim Kerr, zanger van Simple Minds, scheurt door mijn hoofd.

About Author

Leave A Reply