De club zal zegepralen, ’t is de club van geel en rood… KV Mechelen verslaat Dynamo in Boekarest op 30/9/1987

Dertig jaar geleden beleefde KV Mechelen het mooiste jaar uit zijn geschiedenis en won de Europacup der Bekerwinnaars in 1987-’88. Met in de rangen: coach Aad de Mos, doelman Michel Preud’homme en spits Piet den Boer. De allereerste Europese verplaatsing bracht de club van geel & rood naar Boekarest. Enkele fragmenten uit het boek ‘KV Mechelen, 25 jaar na de Europacup’, dat ik in 2013 met Thijs Delrue schreef.

Raak ik die bal verkeerd, dan eindigt die op het kerkhof achter het stadion…

KV Mechelen was bekerwinnaar geworden in 1986-’87 tegen Club Luik. In het elftal stonden verder onder meer Graeme Rutjes, Lei Clijsters, Koen Sanders, Geert Deferm, Erwin Koeman, Wim Hofkens, Eli Ohana, Paul Demesmaeker en Pascal De Wilde. De Mechelse legende Fi Van Hoof was assistent-coach.

De loting voor de eerste ronde gaf niet meteen aanleiding tot euforie: Dynamo Boekarest, een sterk en technisch begaafd elftal met verschillende internationals en de bekende coach Lucescu op de bank. In de heenwedstrijd scoorde Piet den Boer het enige doelpunt: ‘Het Mechelse publiek reageerde vol passie op de eerste Europese avond Achter de Kazerne. Ik maakte de 1-0, net na de pauze: een bal vol op de wreef, onder de lat, rechterbovenhoek. Ik geef grif toe: raak ik die bal verkeerd, dan eindigt die op het kerkhof achter het stadion.’

Joachim Benfeld, de Duitse spelmaker, vult aan: ‘In Mechelen logeerden de Roemenen in het centrum van de stad. De Mos gaf hun buschauffeur de goede raad om via RIjmenam en Bonheiden naar het stadion te rijden. Het resultaat: ze schoven een uur aan in de file en arriveerden pas veertig minuten voor de wedstrijd. Hun coach Lucescu was razend.’

Over blokjes hout & zwart afplakpapier

In Boekarest viel men van het ene rare tafereel in het andere. En ontstonden enkele ‘Malinwabijgeloofklassiekers.’

Kinesist Jan De Cleyn herinnerde zich dat de kleedkamer van Dynamo veel houtwerk bevatte: ‘We wonnen daar dus gaf Aad de Mos mij de opdracht om een blokje hout mee te nemen bij elke Europese verplaatsing. Dat ging dus mee in onze zak want…het bracht geluk. Onze bus mocht nooit achteruit rijden want dat gebeurde ook eens bij een nederlaag. En dus stuurde hij die desnoods een blokje om. Hij dreef het ook zo ver dat elke speler op dezelfde plaats moest gaan zitten en dat de bus op matchritme diende te rijden zoals hij zei. Dat betekende op volle snelheid want ‘de spelers mochten niet in slaap vallen’. Tegen de chauffeur riep hij dan: ‘Haal die baksteen onder je gaspedaal weg!’ Michel Preud’homme kende er ook wat van. Tijdens de verplichte middagrust die de Mos bij afzonderingen voorschreef in ons hotel De Scheldeboorden in Hemiksem vroeg Michel een compleet donkere kamer, met de gordijnen potdicht. In buitenlandse hotels konden we dat niet eisen dus nam ik naar Boekarest zwart papier mee waarmee ik de ramen afplakte. Daar leerde ik ook het eigenaardige gedrag kennen van middenvelder Wim Hofkens. Ik moest bij hem op de kamer slapen want in het midden van de nacht liet hij zijn wekker lopen. Dan deed hij in de badkamer enkele oefeningen ‘om geen roofbouw te plegen op zijn lichaam’.

Plassen op de middencirkel de avond voor de match

Dokter Walter Jaspers zat destijds ruim drie jaar op de bank naast Aad de Mos: ‘De avond voor de wedstrijd in Boekarest trainden we in het stadion. Ik moest dringend een plasje doen maar vond niet meteen de weg naar de toiletten. Toen dacht ik: het penaltypunt? Waarom niet. De Mos keek grijnzend toe. Na onze zege besloot hij dat ik bij elke Europese verplaatsing hetzelfde moest doen. Want het bracht ons geluk! Het bijgeloof van De Mos, tot in het absurde doorgedreven. Ik moest van hem! Elke keer weer, de avond voor de match, in een leeg stadion: plassen op het penaltypunt. In Roemenië opende hij ook een andere traditie. We leden daar verschrikkelijke honger. In de hotelkamers was geen roomservice. Ik bedelde na 22 uur ergens om een doosje cornedbeaf en prutste het open met een schaartje van een medische koffer. We dronken een paar flessen slechter Roemeense wijn. En het bestuur zat bij elkaar om te zingen uit het Liedboek van KV Mechelen. Dat bleven we herhalen tot aan de finale tegen Ajax. Met een stevig stuk in onze kraag. Schransen in het hotel even voor middernacht en een zangstonde uit ons liederenrepertoire. Dat duurde tot diep in de nacht. Klassieke Vlaamse liederen wisselden we af met traditionals in ander talen en we eindigden altijd met het onvermijdelijke: ‘De club zal zegepralen, ’t is de club van geel en rood…’

Onze Nederlandse spelersmakelaar en vaste begeleider Ger Lagendijk diende op in zijn blote kont, met een schort aan: vissen, mosselen, oesters. We leefden ons uit tot diep in de nacht. Allemaal door dat bijgeloof van De Mos.’

‘KV Mechelen zal het nog ver schoppen…’

In de match liep het gesmeerd. KV Mechelen doorstond de Roemeense storm dankzij uitstekend keeperswerk van Michel Preud’homme. Net voor de pauze ‘frommelde’ middenvelder Wim Hofkens bij een counter de bal in het doel. In de tweede helft hield MPH onder meer de huidige Moeskroencoach Rednic van de gelijkmaker. Op de zeventigste minuut scoorde Piet den Boer één van de meest bizarre doelpunten uit zijn loopbaan: ‘Bert Cluytens zwiepte de bal in de zestien. Ik liep in en kop hem met de bovenkant van mijn hoofd over de doelman. Via de deklat, de paal en de doelman dwarrelde de 0-2 binnen.’ Na afloop omschreef de Roemeense coach Lucescu KV Mechelen als ‘internationaal topteam dat het nog ver zou schoppen…’

About Author

Leave A Reply