Schaf de play-offs af

Club Brugge-manager Vincent Mannaert hield gisteren in Sport/Voetbalmagazine een opmerkelijk betoog voor het afschaffen van de play-offs, omdat ze onze clubs minder sterk maken in Europa. Het is inderdaad de hoogste tijd om aan de alarmbel te trekken.

SOS Belgisch clubvoetbal! Anderlecht, Club Brugge, AA Gent, KV Oostende en Zulte Waregem hebben dit seizoen na twaalf wedstrijden in de Europese bekers nog geen enkele overwinning geboekt. Vier gelijke spelen en acht nederlagen, zo luidt de balans. Op de UEFA Club Ranking van dit seizoen is ons land afgedaald naar de 42ste plaats. Zelfs Finland, Litouwen en Malta zijn ons voorbijgefietst.

Het is stil in de hoek van de voorstanders van de play-offs. Vorig seizoen schreven ze de successen toe aan het competitieopzet, maar nu lijken ze geen verband te zien. Het is nochtans logisch: door de halvering van de punten is de intensiteit van de competitie verminderd en door het zwaartepunt van het seizoen naar de lente te verschuiven, is iedereen in de herfst minder bij de les.

Het is nu hopen op puntenwinst van Zulte Waregem tegen Vitesse, want na het debacle tegen Celtic dreigt Anderlecht met een grote nul achter te blijven. Oekraïne hijgt al in onze nek en Turkije komt gevaarlijk opzetten. De automatische kwalificatie van de landskampioen voor het kampioenenbal is in gevaar.

Dat onze teams de concurrentie niet meer aankunnen met de Europese toppers is geen schande. Het is echter heel wat minder begrijpelijk dat ze niet meer kunnen optornen tegen ploegen uit competities die financieel minder sterk zijn, zoals de Schotse, de Oostenrijkse of de Griekse.

De Witte Duivel pleitte op 17 maart van dit jaar, toen alles nog goed leek te gaan, al voor het afschaffen van de play-offs en voorspelde deze gang van zaken. Hieronder vindt u de tekst die we toen publiceerden:

Voor het eerst in 25 jaar telt België weer twee kwartfinalisten in de Europese bekers. In de campagne 1991-1992 schopten Club Brugge en AA Gent het tot bij de laatste acht van een Europees bekertoernooi.

Een opvallend gegeven en interessant genoeg om op zoek te gaan naar de reden. Volgens AA Gent-voorzitter Ivan De Witte is de verklaring simpel: de invoering van de play-offs. ‘Je moet stilaan van slechte wil zijn om het verband niet te zien’, zei hij onlangs in Het Laatste Nieuws.

De Europese prestaties van de Belgische clubs zijn inderdaad de jongste jaren een stuk beter. Maar dat betekent niet dat dit het gevolg is van de play-offs. Je kan even goed beweren dat er een verband bestaat tussen de play-offs en de opmars van het populisme of de verhoging van het dreigingsniveau. Het is gewoon een feit dat sinds de invoering van de play-offs populistische politici hoog scoren en het dreigingsniveau op 3 of 4 staat. Je moet echter van slechte wil zijn om daar een verband met de play-offs tussen te zien.

De goede resultaten van de Belgische clubs in de Europa League werden allemaal behaald tijdens de reguliere competitie. Welke invloed zouden de play-offs dan kunnen hebben? Eens de play-offs beginnen, zit de Europa League zelfs in de weg. Vraag het Club Brugge maar.

Als er een verband bestaat tussen de competitieformat en de Europese resultaten is die het resultaat van de reguliere competitie, niet van de play-offs. Ook dat zou merkwaardig zijn, want de intensiteit tijdens de dertig eerste speeldagen is eerder verminderd dan verhoogd. Er wordt immers ‘slechts om anderhalf punt gespeeld’. De topclubs spelen bewust of onbewust niet altijd aan honderd procent en hebben in vergelijking met de rest van de topklasse zelfs aan sterkte ingeboet.

Dat kan aangetoond worden met cijfers. In de vijf jongste campagnes behaalde de Grote Vijf ( Anderlecht, Club Brugge, Standard, AA Gent, Racing Genk) in de reguliere competitie 1324 punten op 2226. Of 59,4 % van de punten. In de vijf laatste seizoenen met een klassieke formule met achttien teams pakten ze 1628 op 2550 punten. Goed voor 63,8 %.

De nieuwe format heeft dus of de kleintjes sterker gemaakt of de groten nemen het soms wat gemakkelijker op. Dat zou hen dan sterker maken in Europa en een pleidooi zijn voor een zwakkere eerste klasse met bijvoorbeeld meer teams.

Nee, er bestaat helemaal geen verband tussen de invoering van de play-offs en de Europese prestaties. Laat ons dus eens uitzoeken wat wel de oorzaak zou kunnen zijn.

Om te beginnen is het nu makkelijker om Europees goed te scoren dan 25 jaar en langer geleden. Door de versplintering van Europa is het aantal leden van Uefa van 33 naar 55 gegaan. De teams van de Sovjet-Unie of Joegoslavië waren veel sterker dan de ploegen van de nieuwe staten, die deelnemen aan een competitie met minder economische kracht. Clubs als Steaua Boekarest of Rode Ster Belgrado stellen veel minder voor dan in de communistische periode.

In een aantal landen ( vooral Engeland) wordt de Europa League ook minder ernstig genomen dan de vroegere Uefacup, die volgens veel waarnemers sterker was dan de Beker voor Landskampioenen ( nu Champions’ League).

De sprong van België van de 14de naar de 9de plaats op de Uefa Ranking kan ook worden verklaard door het feit dat onze clubs in het vorige decennium ondermaats presteerden. België moest landen als Oekraïne, Roemenië, Griekenland en Zwitserland laten voorgaan. Wat eigenlijk onbegrijpelijk is.

De belangrijkste reden voor de Europese renaissance is echter van financiële aard. Geld bepaalt alles in het voetbal. Sinds de jaargang 2009-2010 is de gemiddelde omzet van onze profclubs met ruim een derde gestegen naar 316 miljoen euro. In 2011 waren er negen clubs in de hoogste klasse ( ruim de helft dus) met een budget van 7 miljoen euro of minder: Lierse (7), Lokeren (7), KV Kortijk (6,5), Cercle Brugge (6), KV Mechelen (6), OH Leuven (6), STVV (6), Bergen (5,5) ( Bron: SportVoetbalmagazine). Dit seizoen waren er dat slechts twee: Moeskroen (6) en Westerlo (5,5) (Bron: Voetbalkrant).

De gezamenlijke begroting van onze clubs is in vergelijking met de intrede van de play-offs met meer dan honderd miljoen per jaar toegenomen. Dankzij de verhoging van de tv-rechten ( drie jaar terug van 36 naar ruim 70 miljoen), de bouw van nieuwe stadions ( het gemiddelde aantal toeschouwers bij AA Gent is ongeveer verdubbeld), de komst van miljardairs ( denk aan Marc Coucke bij KV Oostende) en de lucratieve transfers die vooral clubs als Standard, Anderlecht en Racing Genk de voorbije jaren hebben gedaan.

Het logische gevolg daarvan is dat er veel duurdere spelers kunnen worden aangetrokken. Een transfer van 3 miljoen euro is niets uitzonderlijks meer. Anderlecht telde voor Stanciu zelfs tien miljoen euro neer. Dat is meer dan het budget van alle kleinere clubs in 2009.

Het feit dat Racing Genk en Anderlecht nog in Europa actief zijn, is dus vooral het gevolg van de vaststelling dat onze clubs veel beter werken dan tien jaar geleden. Vooral qua jeugdopleiding.

Om de Europese successen een verlengstuk te geven hebben we dus geen play-offs nodig. Integendeel. Straks zal blijken dat ze het onze ploegen extra moeilijk maken in de Europese eindspurt. Niet alleen omdat de opvolging van topmatchen moordend wordt, maar ook omdat Belgische clubs meer wedstrijden in de benen hebben dan al hun concurrenten.

De play-offs zijn oneerlijk ( halvering punten) en vooral slecht voor de meerderheid van onze profclubs. Zij zijn de komende weken veroordeeld tot Play-off 2, een competitie waar zelfs de honden geen brood van lusten. De hele format is ronduit lachwekkend. Een middenmoter uit 1B zoals Union strijdt straks mee om een Europees ticket, ook al krijgt het geen Europese licentie. De nummer vijf van Play-off 1 dreigt zijn Europees entreebewijs te verliezen aan een club die verscheidene plaatsen lager eindigde. Tijd om een streep onder deze ongein te trekken.

About Author

Leave A Reply