Dick Advocaat voelt zich nooit te oud

 

Kunnen we een trainer in het topvoetbal noemen met een veelkleuriger cv dan Dick Advocaat? Hij speelde bij acht clubs, was bondscoach in zes landen en nu is Het Kasteel van Sparta Rotterdam zijn veertiende station als clubtrainer. Hier wacht hem het karwei de momentele hekkensluiter van de Nederlandse eredivisie voor degradatie te behoeden. Dick Advocaat voelt zich er niet te min voor, en al helemaal niet te oud.

Advocaat wordt in september 71 jaar. Dan is Jupp Heynckes, onder wie Bayern München dit seizoen zo verfrissend is opgeleefd, al 73. Wat heet oud? Bij zijn eerste wedstrijd met Sparta weerde Advocaat zich dinsdagavond weer als de jonge hond, die nooit ouder lijkt te worden. Het was zijn 300e als coach in de eredivisie. Hij gedroeg zich even fel, druk gebarend en rusteloos als altijd.

Ook na de elfde nederlaag van Sparta in 18 wedstrijden bleef zijn vertrouwen in een gunstige afloop nog ongeschokt –  naar buiten toe. Van binnen moet hij gebriest hebben als vanouds, zo slordig was Sparta met de spaarzame kansen omgesprongen. Zestien wedstrijden voor het einde staat Sparta op vijf punten van de veilige zone. ,,Ik ben hier niet naar toegekomen omdat het een kansloze situatie is. Als we ons redden, is dat een grote prestatie waar iedereen bij Sparta aan heeft meegewerkt”, stelde Advocaat na de nederlaag bij zijn debuut.

In Rotterdam is  Advocaat terug bij de club waar hij aan het begin van de jaren tachtig twee seizoenen samen met Louis van Gaal op het middenveld speelde. Leo Beenhakker verleidde hem. Zijn vroegere baas in de staf van Oranje raakte in het najaar, op zijn 75e,  als technisch adviseur betrokken bij Sparta. De oudste club van de eredivisie (van 1888) maakt sentimenten los bij de twee oudjes. Onder trainer Alex Pastoor zakte Sparta dit seizoen ver weg. De even eigenzinnige als vaak intelligente aanpak van Pastoor had zijn effect verloren. De sympathie voor de Rotterdamse club bleek niet verdwenen en zo viel na Beenhakker ook Advocaat voor de warmte van Sparta.

VOETBALJUNK

Of de strakke hand van Dick Advocaat de Rotterdamse club er bovenop zal brengen moet worden afgewacht. Meetapparatuur, videobesprekingen, yoga en stadiongeluiden tijdens de training vindt hij veel minder noodzakelijk dan zijn voorganger. Als no-nonsense-coach eiste Advocaat vooral middelen om zijn selectie te versterken, anders was hij er ook nooit aan begonnen. Advocaat heeft altijd op zekerheid gekoerst, altijd zodanige eisen gesteld dat zijn doel bereikbaar was. Maar liever nog had hij zijn derde termijn bij Oranje verlengd, ondanks de mislukte missie richting WK 2018. Ook lonkte hij nog stilletjes naar een baantje op het WK, als coach van bijvoorbeeld Australië of Saoedi-Arabië. Hij had het nog graag gedaan, niet alleen om zijn vermogen nog verder te spekken. Nee, Dick Advocaat is zo verslaafd aan spanning en strijd, aan bal en duel, hij is zo’n hardnekkige voetbaljunk dat het nog lang geen tijd is voor de eretribune.

Het is zijn gedrevenheid die hem zo fanatiek houdt. Zo was Dick Advocaat al als speler. Geen behendige techneut, geen geslepen tacticus, maar een driftig dravertje dat altijd tegenstanders voor de voeten liep en scheidsrechters wakker hield. Wel steeds gedisciplineerd, professioneel handelend in elke situatie.  Een ijzervretertje van 1.71, goed genoeg voor een lange carrière in de eredivisie, te klein voor Oranje.

ONTDEKT DOOR MICHELS

Als trainer werd hij ontdekt door Rinus Michels, zijn grote leermeester die hij altijd is blijven verafgoden. Michels plukte hem van de trainersopleiding.  Advocaat combineerde de cursus met het trainen van amateurclub DVSP in het Zuid-Hollandse Pijnacker, dat onder hem 67 wedstrijden achtereen ongeslagen bleef. Zo’n keffertje, zo toegewijd en gezagsgetrouw, dat was in de ogen van Michels een ideaal type als assistent-bondscoach.

Zo kwam Dick Advocaat bij Oranje terecht, op een niveau dat als speler, als vlijtige middenvelder, altijd onbereikbaar was gebleven. Dickie voelde zich erkend. Hij was niet langer de lokale held uit de Haagse Transvaalbuurt die het bij ADO tot het eerste elftal had geschopt en vandaar het land was doorgetrokken; naar Roda JC, naar VVV, naar Sparta, naar FC Utrecht. Bij Oranje mocht hij meemaken hoe Ruud Gullit, Marco van Basten, Frank Rijkaard en Ronald Koeman zich ontwikkelden. In die rol als hulpje van eerst Michels en later Leo Beenhakker moest ook Advocaat ondergaan dat de Rode Duivels voor Oranje de route naar het WK van 1986 blokkeerden. Een verliezer had hij nooit willen zijn, zijn ambitie dreef hem naar FC Haarlem, toen nog niet failliet en spelend in de eredivisie. Ervaring als clubtrainer had hij nodig om méér gezag te krijgen.

Met die bagage keerde Advocaat in 1992 terug bij Oranje; eerst als assistent van de eveneens teruggekeerde Michels, vervolgens als diens opvolger. Successen boekte hij niet op een EK of WK, hij bouwde er wel een reputatie op. Zijn carrière leidde hem de wereld over. Hij werd kampioen met PSV en  Glasgow Rangers, met Zenit Sint-Petersburg haalde hij de UEFA Cup en de Europese Super Cup naar Rusland.

Hoe meer clubs en landen Advocaat aandeed, hoe groter zijn flair en overtuigingskracht werden. Het straatjochie uit Den Haag pushte David Murray tot  investeringen die Glasgow Rangers in een financieel ravijn stortten. In Rusland kreeg hij zoveel aanzien dat Advocaat op audiëntie bij president Poetin gedaan kreeg dat Zenit voortaan met een privéjet naar uitwedstrijden kon reizen.

BELGIË

Zijn hang naar optimale professionele werkomstandigheden etaleerde Advocaat ook als bondscoach in België. ,,Toen ik in 2009 begon, stopten ze ons in een bijkeuken met een bureau ertussen. Beetje zielig. Ik heb er alles omgegooid. Betere hotels en accommodatie, het amateurisme doorbroken”, vertelde Advocaat met voldoening in het Nederlandse weekblad Elsevier. Het waren zaadjes die de Rode Duivels later deden bloeien. Hijzelf was toen al weg. Een half jaar slechts leidde Advocaat de Rode Duivels, een deel daarvan zelfs nog in combinatie met een baantje als interim-trainer bij AZ. ,,Ik had een goed gevoel bij België. Maar toen kwamen de Russen. Daar kon ik geen nee tegen zeggen. In België had ik 3 ton netto, een hoop geld, maar de Russen boden een veelvoud.”

Geld is steeds een rode draad, een belangrijke drijfveer, geweest in de trainersexpedities van Dick Advocaat. Het is hem al zo vaak voor de voeten geworpen dat hij er nu zelf de draak mee steekt. Dat heeft hem in Nederland gaandeweg steeds sympathieker gemaakt. ‘Dickie’ is aanraakbaar geworden. De arrogantie van Mourinho is hem vreemd, hij is geen Louis van Gaal die zich zo vaak verheven voelt boven de ‘buitenwacht’ die hem beoordeelt. Dick Advocaat is anders. Hij staat open voor iedereen en gaat vervolgens in de kleedkamer en op het trainingsveld zijn eigen gang. Daar wil hij het vertrouwen van de spelers winnen, hun geloof in eigen kwaliteiten stimuleren.

De methode-Advocaat moet nu Sparta hogerop brengen. Met zijn eerste maatregelen speculeert hij op de eerzucht van twee Belgen. Loris Brogno behoorde voor Alex Pastoor niet altijd meer tot de eerste elf. Ryan Sanusi was meestal een hard werkende, vlijtige middenvelder zonder nadrukkelijk op te vallen. Advocaat heeft hem de aanvoerdersband opgedaan; als opvolger van de 37-jarige Michel Breuer die voor iedereen, behalve Pastoor, al eerder  veel te traag was geworden voor eredivisievoetbal. Voor Vitesse was Brogno dinsdagavond de gevaarlijkste tegenstander. Hij trof diep in de tweede helft de dwarsstang waarna ook Advocaat moest beseffen dat zijn eerste nederlaag met Sparta onafwendbaar was geworden.

 

HENK MEES

@hmees

About Author

Leave A Reply