George Best (1946-2005): een halve eeuw El Beatle van Manchester United (2) – RW

Precies vijftig jaar geleden – op 29 mei 1968 – won Manchester United de finale van de Europacup der Landskampioenen tegen Benfica Lissabon met 4-1. George Best, amper 22, was de jonge god van het swinging sixtiestijdperk en werd uitgeroepen tot Voetballer van het Jaar in 1968. In tijden van Mourinhotristesse schrijf ik graag een portret over de meest getalenteerde – en mijn favoriete – speler uit de geschiedenis van Manchester United. Vandaag leest u deel 1.

 Ik sta voor zijn standbeeld aan het stadion van Manchester United: the holy trinity Bobby Charlton, Denis Law, Georg Best. Het baadt in de zon en Best staat er als een schuchtere jongen, terwijl in zijn leven de ene uitbarsting de andere opvolgde. Nochtans was hij de man die er écht voor zorgde dat Old Trafford de naam ‘Theatre of Dreams’ verwierf.

 The fifth Beatle

Gevraagd naar zijn band met The Beatles gaf de oude Best geheel in overeenstemming met zijn zichzelf zijn sympathie voor John Lennon prijs: I love the controversial one.

Toen Best in 2000 zijn loopbaan overschouwde, wees hij naar de gedenkwaardige avond in het Estadio da Luz. Hij schatte de kwaliteit van dit optreden hoger in dan de Europacupfinale op Wembley tegen datzelfde Benfica. Hij synthetiseerde zichzelf in een televisie-interview: ‘Na 9 maart 1966 veranderde alles. Mijn leven werd plots ingedeeld in en voor en na Lissabon.”

Met de creativiteit van Sergeant’s Peppers Lonely Hearts Club Band van The Beatles begon hij er aan zijn Magical Mystery Tour. Hij bracht de Mei’68revolte in het voetbal. Hij was de eerste speler die zijn haar liet groeien. Hij stookte onrust in de verstarde voetbaltent. Best dribbelde de verbeelding aan de macht. Herkend en aanbeden zoals The Beatles, wier populariteit hij evenaarde.

Van Love me do tot A hard day’s night

Best en The Beatles, een parallelle parabel in rise and fall.

Wanneer Best in de zomer van 1961 op Old Trafford aankwam, braken The Beatles door met Love Me Do. Best hoopte op de liefde van United.  The Fab Four zongen Please, Please Me en Best kraakte harde noten. Hij leek de zoveelste geniale straatvoetballer die alleen maar trucjes opvoerde. Tot het vuur van Twist & Shout in hem waarde.

Op de melodie van I Feel Fine won de begenadigde Best in 1965 zijn eerste landstitel. Die zomer was de laatste normale van zijn leven. Tot dan was hij beroemd in Manchester, maar twaalf maanden later ging zijn naam de wereld rond.

George Best was het voetbalantwoord op de culturele revolutie van de sexy swinging sixties, die de Britse jeugd bevrijdde van de vermolmde naoorlogse vormen en gedachten. Best, Beatles, Twiggy, Vietnam en Martin Luther King. De faam bleef niet uit. Hij werd een held van zijn tijd. De vrije jaren zestig, protestsongs, love & peace & freedom.

Een superster van negentien, die zich amuseerde met snooker, darts en meisjes. Best laafde zich aan Another girl van Lennon en McCartney en beweerde dat hij meer dan duizend vrouwen genot en glorie schonk.

De aanbiedingen overdonderden hem. Hij kreeg columns in nationale kranten. Hij opende een boetiek, waar vrouwen aanschoven om met hem op de foto te poseren. Hij maakte in televisiespots en magazines reclame voor chips, kauwgom,  zeep, worstjes, schoenen, modieuze kleding, after shave, ondergoed. Best Boots en … Cookstown Pork Saucages of varkensworst uit Cookstown! George Best was everywhere. Het fenomeen kwam in overdrive. Hij verzilverde zijn populariteit en kocht in de herfst van 1969 een peperdure, snobistische villa in een buitenwijk van Manchester. Honderden nieuwsgierigen drumden er samen. Hij vertelde laconiek: ‘Als ik mijn huis durf te verlaten op zondag, geraak ik er niet meer in.’ Hij noemde zijn stulpje ‘Che Sera’. In vrije vertaling: ‘What will be’. De psychotherapeutische auteur Gordon Burn had zijn antwoord snel klaar: ‘Che Sera werd een eenzame plaats: het begin van het einde voor George. Het isolement sloeg toe, de sociale controle verdween.’

Matt Busby vertrok in 1970. The Beatles schreeuwden Help! George Best stortte zich in het nachtleven, gokte op paarden en dook casino’s in. Hij raakte uitgekeken op Old Trafford en hield zich met de verkeerde lieden op. Hij gokte uit verveling. ‘I was lonely in my own way. Ik was George Best, topvoetballer en superster, of ik dat nu leuk vond of niet. Het hing als een schaduw over me heen. Ik zag mezelf uiteindelijk als een buitenaards wezen. Busby suggereerde zonder het woord te gebruiken een psychiater. “Je hebt iemand nodig om mee te praten.” Hij had gelijk maar ik vond niemand die mijn gecompliceerde leven begreep.’

Best verstrikte zich in een spiraal van wilde seksuele toestanden, ophefmakende rechtszaken en hardnekkig dronkenschap. Hij viel in een diep isolement. Don’t Let Me Down dichtte Paul McCartney, maar alleen Denis Law bleef hem trouw. Best beleefde zijn éénmalige Get Back als hij in 1976 Noord-Ierland in De Kuip een verrassende 2-2 bezorgde tegen het Oranje van Johan Cruijff. Intussen zongen The Beatles hun zwanenzang: Let It Be. Het visioen eindigde op The End. De heerlijke jonge god bevrijdde de Britse jeugd van haar remmingen maar eindigt zelf als een oud menselijk wrak. Where do I go from here? vroeg hij zich vertwijfeld af in één van zijn vele biografieën. Naar A Hard Day’s Night, helaas.

 

Er valt een schaduw over zijn standbeeld voor Old Trafford.

 

 

 

 

 

 

About Author

Leave A Reply