Duivels dagboek 16 juni

Na een veel te korte nacht vanmorgen om vijf uur opgestaan voor de perscharter naar Sochi, die vertrok van Vnukovo, de kleinste van de drie luchthavens rond Moskou. De Duivels vertrekken pas drie uur later dan wij naar de Zwarte zee, zodat ze langer kunnen genieten van hun befaamde matrassen.

‘Elk nadeel hep echter zijn voordeel’, wist een befaamde Nederlandse wijsgeer lang geleden al. Wij landen, volgens de weervoorspellingen, nog net voor het naderende onweer. De spelers gaan er niet aan ontsnappen.

Het druppelt even als we de luchthaven verlaten, maar onvoldoende om de bloemen water te geven. En de Russische weervoorspellers zitten er al even vaak naast als de onze. Het onweer blijft uit. Ook de komende dagen staat het weerbericht op donder en bliksem. Benieuwd of er iets van komt.

Het valt meteen op dat het hier warmer en klammer is dan in Moskou, hoewel de temperatuur zeker niet hoger is. Dat heeft te maken met de luchtvochtigheidsgraad. Voetballen in dit klimaat is heel wat zwaarder voor de spelers en houdt ook een groter gevaar in voor blessures.

Sochi wordt het St.-Tropez van Rusland genoemd, maar dan zonder smalle, authentieke straatjes. De Belgische pers verblijft in het Tulip Inn hotel, op wandelafstand van het Fisht Stadium. Althans voor wie flink kan wandelen. Je moet immers door het hele olympisch park, het kloppende hart van de Winterspelen van 2014, stappen.

Het Fisht Stadium is geen onbekende voor de Rode Duivels. Ze speelden hier vorig jaar vriendschappelijk 3-3 gelijk tegen Rusland. Tot daar de vergelijkingen met de knaller tussen Portugal en Spanje.

In het olympisch park word je voortdurend aangeklampt door de chauffeurs van golfkarretjes die je een rondleiding van het complex aanbieden. Beter gezegd, ze smeken je bijna om een rondrit te mogen maken.

Het Olympic Park is dé attractie van Sochi, na de zee en de zon uiteraard. Het is een heus pretpark, met een kermis, terrasjes, restaurants, een go-kartbaan en een Formule 1-circuit. Het loopt er vol volk en de golfwagentjes doen goede zaken. Op deze manier is de miljardeninvestering van Poetin voor de Winterspelen toch nog enigszins zinvol. Het Fisht Stadium is immers een zogenaamde ‘witte olifant’. Sochi heeft geen profclub en het stadion wordt alleen af en toe gebruikt voor een interland.

De vijftien minuten open training op het B-veld is alweer een maat voor niets en het duurt onverwacht lang vooraleer Adnan Januzaj en Dries Mertens hun opwachting maken. Ze worden vooral bestookt met vragen over de samenwerking met Thierry Henri en wat hij hen bijbrengt en hoe zwaar het afscheid van Laurent Ciman viel. Driesje kreeg nog de vraag wat hij van Panama weet en ik had gehoopt dat hij iets over zwart geld zou vertellen, maar daar is hij veel te slim voor.

Mijn – helaas veel jongere – collega’s ogen ook wat vermoeid. De voorziene twintig minuten vragentijd geraakt niet vol. Hoewel dit ook kan te maken hebben met het feit dat er morgen geen kranten zijn.

Roberto Martinez heeft ondanks de afreis van Ciman niet echt geruststellend nieuws. Hij hoopt dat Thomas Vermaelen fit geraakt voor de tweede partij tegen Tunesië en Vincent Kompany voor het derde duel tegen Engeland. De medische staf moet wonderen verrichten. Misschien kan ook bidden helpen. Maar voor ik daar aan toe kom, ben ik al in slaap gevallen.

 

About Author

Leave A Reply