Duivels dagboek 21 juni Dedovsk

Google+ Pinterest LinkedIn Tumblr +

Alweer vroeg uit de veren. Het kan geen toeval zijn dat ik alleen die twee dagen in Sochi, waar de nachten langer zijn, acht uur kon slapen. Ik schreef het een paar dagen terug al: elk nadeel heb z’n voordeel. Tijd zat om voor het ontbijt op Facebook te bladeren, zoals me aangeraden werd door een vriend. Ik moet een reactie lezen van Jan Hauspie, die me verwijt negatief en vooringenomen te zijn.

Jan is één van de sportjournalisten die ik hoog inschat, dus lees ik mijn stukje waar hij over valt nog eens twee keer na. Ik kan echt niet ontdekken wat hij bedoelt, maar dat ligt wellicht aan mij. Ik kan niet ontkennen dat ik dergelijke verwijten al eens eerder gekregen heb, maar in een vak vol goedweerschrijvers mag iemand ook al eens een kritisch geluid laten horen, toch? Voor mij is kritische (sport)journalistiek een pleonasme.

Wij hebben als taak te vertellen wat we horen en zien. Wij moeten naar de waarheid zoeken. Ik heb Carl Bernstein ( van All the president’s men) geregeld op CNN horen zeggen dat journalistiek de meest beschikbare versie van de waarheid is. Die probeer ik te ontdekken, zoals mijn grote voorbeelden Howard Cosell en Jan Wauters. Wat zou ik nu graag de mening horen van mijn vriend Jan ( niet die uit het liedje van Raymond) over de opmerkingen van Jan van Humo. Ik mis Jan, hoe geweldig Peter Vandenbempt ook is en hoe hoog ik hem ook inschat, nog steeds en zeker bij zo’n groot toernooi.

De waarheid is in de sportjournalistiek vaak een probleem. Zelfs veel hoofdredacteurs zijn van oordeel dat het geen echte journalistiek is, dat je moet schrijven wat de mensen graag willen lezen. Je moet supporter zijn, geen reporter.

Jan weet dat ik streng ben geweest voor alle (bonds)coaches. Van Guy Thys tot Marc Wilmots. En dat is niet altijd prettig. Zoals ik me herinner van Japan 2002. Ik had een goede band met Robert Waseige, de toenmalige bondscoach, die ik al meer dan 25 jaar kende van bij Winterslag en Lokeren. Wellicht om die reden heb ik altijd zijn drankprobleem verdoezeld. Tijdens het WK in Japan heb ik hem te lang in bescherming genomen. Tot leden van de staf mij ( en zes spelers collega Kurt Van Laere) kwamen melden dat het zo niet verder kon, dat het fataal zou aflopen.

Ik kreeg nadien zo’n drieduizend brieven en mails van supporters. Sommige met doodsbedreigingen. De teneur werd perfect samengevat in één bepaalde boodschap: ‘Wat u schrijft is niet waar en als het waar is, mag u het niet schrijven.’

Ik kan me niet indenken dat jij tot die sekte bent toegetreden, Jan. Je valt blijkbaar vooral over de omschrijvingen ‘doorgeslagen professionalisme’ en ‘pure paranoia’ als ik het heb over de gesloten trainingen. Als je goed leest, zie je dat dit op alle ‘moderne’ coaches slaat. Niet alleen, zelfs niet zo zeer, op Martinez. Je weet verdomd goed dat ik twee jaar terug bij Wilmots ook geregeld op die nagel heb geklopt. Ik had het hier overigens gisteren nog met Hans Vandeweghe over en we vonden allebei dat het zelfs zou moeten kunnen dat spelers en pers in het hetzelfde hotel logeren. Zoals dat in de Tour nog steeds het geval is.

Zou het kunnen dat jij een beetje vooringenomen bent, Jan? Ik zie al een paar jaar twee kampen in onze pers: voor of tegen Wilmots en wie tegen Wilmots was is nu voor Martinez. Jij was tegen Wilmots en ik herinner me dat je tijdens Euro 2016 erg opgezet was met mijn columns op de website van Knack, omdat ik één van de twee journalisten was die voor Wales ( en niet erna toen hij op de grond lag) de man uit Jeuk onder vuur nam.

Ik vind Roberto Martinez een ontzettend aardige man – en dat meen ik heel erg – en wens hem en zijn ploeg alle succes toe. Ik houd ook van trainers die zich beschaafd gedragen naar de tegenpartij, de scheidsrechters en de pers. Maar het is mijn taak hen te beoordelen op basis van hun werk.

En ja, ik vind Roberto geen grote coach. Dit is de veertiende bondscoach in mijn carrière en ik heb de voorbije twee jaar al zijn interlands en bijna al zijn persconferenties live bijgewoond, mag ik dan nog geen mening hebben over Martinez? Ik zie na twee jaar geen progressie bij de Duivels, maar hopelijk word ik de komende dagen aangenaam verrast.

Ik kan alleen maar onze collega Edwin Mariën bijtreden in zijn reactie op Facebook. Wilmots had inderdaad de guts om van zich af te bijten. En ook Roland Lebuf heeft overschot van gelijk. Overigens heb ik aangegeven dat De Bruyne goed wegkwam met geel. Verder durfde ik niet gaan, omdat ik geen beelden had gezien. Peter Vandenbempt vertelde me achteraf echter dat het heel erg geleek op de karatetrap van De Jong in de finale van het WK 2010.

Ik weet het, Jan, bij mij is het glas altijd half leeg, maar er zit echt even veel in als in een glas dat half vol is. Bij Roberto loopt het glas echter altijd over. In Engeland noemen ze hem Bagdad Bob, alias Comical Ali, de minister van Informatie van Saddam Hoessein die verklaarde dat alles rustig was terwijl de Amerikaanse tanks door de straten van de Iraakse hoofdstad rolden.

En je zucht over de verwijzing naar het WK ’86. Eén zinnetje, één, Jan. Ik weet dat ik dat toernooi wellicht romantiseer, maar bewijst dat juist niet dat ik niet zo negatief of toch niet altijd negatief ben?

Ik kijk uit naar je reactie, Jan. Leve het voetbaldebat. Niet op Facebook echter, maar op dewitteduivel.com. Onder andere omdat je mee aan de wieg stond van De Witte Duivel.

Overigens zie ik dat Thomas Vermaelen voor het eerst met de groep heeft getraind. Tunesië komt wellicht nog wat vroeg en tegen Engeland hebben we hem waarschijnlijk niet echt meer nodig. Ik ga er immers van uit dat de Noord-Afrikanen worden geklopt. Zo vooringenomen ben ik wel.

Share.

About Author

Leave A Reply