DUIVELS DAGBOEK 7 JULI NIKOL’SKOYE-URYUPINO: BELOGEN EN BEDROGEN

Dit is een avond die me automatisch terugvoert naar de historische match tegen de Sovjet-Unie: Leon, 1986. Mijn absolute Rode Duivels-topper. Het wordt straks moeilijk kiezen voor mijn top-tien. En misschien is er dinsdag alweer een andere nummer één.

Vanwege de belachelijke nachtvlucht ( eigenlijk ochtendvlucht) naar Moskou blijven we tot sluitingstijd in het perscentrum in Kazan. Tijd genoeg om naar huis te bellen en de reacties op mijn visie op het duel tegen Brazilië te bekijken.

Die lopen nogal uiteen. Luc Uyttenhove, ex-chef voetbal van Het Laatste Nieuws en dus een kenner, vindt me niet enthousiast genoeg. ‘Komaan FC, ze hebben het gewoon zeer goed gedaan, en ja, met wat geluk. Maar was de heer Neuer in 2014 niet de beste keeper van het WK? En uiteindelijk wereldkampioen? Dat telt ook. En wat een fantastische countergoal alweer, alsof daar iets fout mee is?’

Jan Daelemans, ex-trainer van de nationale Fisec-ploeg ( katholiek onderwijs) en ex-technisch directeur van onder Rapid Leest en dus ook een kenner, is daarentegen lovend. ‘Ik heb zojuist je column gelezen op de Witte Duivel en ik moet zeggen …. ik kan er geen speld tussen krijgen: een volkomen juiste analyse van hetgeen we gezien hebben. Knap werk François .Dan maar 2 bedenkingen:

  1. Het middenveld van Brazilië was inderdaad nergens zoals het middenveld van De Gouden Generatie nergens was tegen Japan. De wedstrijdevolutie wint vaak van de tactiek.
  2.  Frankrijk heeft nog niet geïmponeerd maar presenteert wel een slim blok in alle linies. Aan ons om dit te ontregelen en overwicht te behalen. Zo we hier in slagen … krijgt onze Gouden Generatie echt glans. Geniet van de overwinning , morgen mag ook nog … maar dan opnieuw de focus op de match tegen ‘mijn’ zuiderburen.

Een briljant plan van de bondscoach werd tot in de perfectie door de spelers uitgevoerd, maar zou niet geslaagd zijn zonder de nodige portie geluk ( bal tegen paal, own goal, niet gefloten penalty Kompany). Geluk hoort bij het voetbal, maar dat betekent toch niet dat je het niet mag vaststellen?

Ik kan gewoon niet anders en ga op mijn leeftijd ( helaas misschien) niet meer veranderen. Bij de evaluatie van mijn eindwerk filosofie bij de befaamde professor Flam aan de VUB concludeerde hij dat ik een overdreven rechtvaardigheidsgevoel heb. ‘Je gaat dikwijls ongelukkig zijn’, voorspelde hij.

Dat laatste valt nogal mee. Ik blijf echter in alle omstandigheden de afstandelijke analist, die in perfecte objectiviteit naar een wedstrijd kijkt. Ik ben sinds mijn negende supporter van Manchester United ( vliegtuigcrash in München) en bekijk ook hun wedstrijden zo. Dat betekent niet dat ik niet gelukkig ben als er wordt gewonnen, maar wel dat ik even streng ben voor hen als voor de tegenpartij. Wat niet goed is, is niet goed. Punt.

Uiteraard ben ik blij met de plaats van de Duivels bij de laatste vier ( niet in het minst omdat Raf Willems en ik aan een boek over de Duivels op dit WK werken). Dit is het derde absolute hoogtepunt voor deze Duivels-watcher ( finale EK ’80, halve finale WK ’86), maar je zal me niet in een Rode Duivels-shirt betrappen. Ik draag al het hele toernooi de Ice Watch van de Rode Duivels, die elke journalist vorige maand cadeau kreeg. Dat is al heel wat.

Ik heb dus niet veel begrip voor de collega die na affluiten staat te springen en briesen als een gek. En nog minder voor de landgenoot naast mij die een vuist in de lucht gooit als Brazilië scoort. Een stadion dient om te juichen, springen en roepen, maar niet op de persbanken.

Om twee uur rijden we richting luchthaven, waar we eerst van hot naar haar gestuurd worden om in te checken. Het wachten kan beginnen. De frustratie groeit met de minuut. Bart De Lathouwers, het VRT-fenomeen dat alles in de gaten heeft, merkt op dat er twee fanvluchten voor de zogezegde deadline van 4 u.30 de lucht in mogen en ziet onze Bombardier landen en passagiers afzetten.

We zijn belogen en bedrogen door de chartermaatschappij. We vliegen zo laat ( of beter gezegd vroeg) omdat ze met een volle inkomende vlucht twee keer geld kunnen opstrijken. Schandelijk.

Finaal wordt het veertien over vijf als we de lucht in klimmen. Slechts één troost: we vliegen nog alleen naar Brussel, naar St.-Petersburg nemen we de hogesnelheidstrein.

Het is tien voor acht als we neerstrijken op Vnukovo, maar dat betekent niet dat we al in bed liggen. Het lijkt alsof Murphy al een maand in mijn valies meereist. Eerst wachten we op Jean-Yves, onze perfecte gastheer in Dedovsk, die zijn gsm vergeten is op de Bombardier. Nadien blijkt de bus er nog niet te zijn. Had hij ons nog later verwacht?

Het is zaterdagochtend maar de bus staat blijkbaar in de file. Wie het niet gelooft, kan vaststellen dat het op weg naar hotel Novahoff niet beter is. Ik doe om twintig voor tien de deur van mijn kamer open. Elf uur na het laatste fluitsignaal in Kazan.

Eigenlijk niets meer voor een oudere man als ik, maar ik herbekijk mijn mening als ik het gekreun van mijn ( veel) jongere collega’s hoor. Na vier uur slapen, zit ik alweer achter mijn klavier. Eerst nog horen bij Stefan Van Loock wat de plannen van de ploeg zijn na de halve finale. Wij vrezen dat er in St.-Petersburg zou gebleven worden in geval van een nederlaag, omdat dan zaterdag opnieuw in het stadion van Zenit wordt gespeeld. Het is een opluchting te horen dat de ploeg hoe dan ook terugkeert naar de Country Club. Alsof met een scenario van twee matchen in Saint-Pete geen rekening wordt gehouden.

Maar alweer is er slecht nieuws. Hotel Novahoff heeft zijn prijzen voor de WK-slotweek meer dan verdubbeld. We beslissen met z’n allen morgenvroeg naar hotel Riga Land te verhuizen. Wat een afzetters die Russen.

About Author

Leave A Reply