Bankzitters hebben altijd ongelijk

Google+ Pinterest LinkedIn Tumblr +

‘Als je je nog eens flink wil ergeren moet je ‘De Bankzitter’ lezen’, meldde één van onze belangrijkste voetbalwatchers mij maandagochtend bij het ontbijt in Luzern. ‘De Bankzitter’ is de wekelijkse rubriek op maandag in De Standaard waarin Frank Van Laeken de sportactualiteit ‘fileert’.

‘J’ accuse’. Van Laeken waande zich even Dreyfus. Niet wijlen Robert Louis-Dreyfus, ooit de grote baas van Adidas en eigenaar van Marseille en Standard, maar Alfred Dreyfus, de militair die eind 19de eeuw op basis van valse documenten van verraad werd beticht.

Van Laeken schrijft dat het hele voetbalbestel schuld heeft aan de schandalen die de voorbije weken aan het licht kwamen. Ook de sportpers. Dat schreef ik twee dagen na het oppakken van Bayat, Veljkovic, Vertenten, Delferière en andere verraders van het voetbal al op De Witte Duivel.

En ja, ook de sportjournalisten gingen in de fout, vond ik. Niet omdat ze van alles op de hoogte waren, zoals Van Laeken beweert, en het onder de graszoden stopten. Zoals de wielerpers in de affaire-Armstrong alles in de doofpot zou willen steken hebben.

Niet de soldaten in de loopgrachten, maar hun bazen, die meer geïnteresseerd waren in Kat Kerkhofs en transferkwakkels dan in berichten over de problemen in de sport, liggen aan de basis van de richting waar de sportjournalistiek is uitgegaan. Op die manier werden mijn opvolgers in de armen van de makelaars geduwd, want de clubs hebben bijna alle communicatiekanalen afgesloten. Bovendien riskeren mijn jonge collega’s met elk bericht een sanctie. Alle interviews worden nagelezen en elk woordje van kritiek op de club of de leiding wordt geschrapt. Wie ook maar een beetje buiten de lijnen kleurt, krijgt een interviewverbod. Onlangs kreeg een krant een week lang geen spelersinterview van een topclub. De trainer was boos, omdat al weken na mekaar op de ochtend van de match de juiste ploegopstelling was gepubliceerd.

De affaire-Armstrong was vooral de verdienste van de Nederlandse pers. Van de Volkskrant en de NRC. Niet van populaire kranten, die veel sport brengen, zoals het Algemeen Dagblad of De Telegraaf. Daar is een goede reden voor.

De sportjournalistiek heeft altijd een kwalijke link gehad met de sportwereld. Vooral in het wielrennen. Karel Van Wijnendaele, de oprichter van Sportwereld, schreef niet alleen over de Ronde van Frankrijk maar was ook de Belgische ploegleider in de Tour. Grote wielerwedstrijden, zoals de Ronde van Vlaanderen, werden tot enkele jaren terug door kranten georganiseerd. Mijn uitstekende ex-collega Harry Van den Bremt stippelde mee het parcours uit van de Ronde. Denk je dat hij kritiek kon geven op de aanwezigheid van de Koppenberg in de Ronde?

Politici staan te springen om in de media opgevoerd te worden. Sportjournalisten daarentegen zijn afhankelijk van de goodwill van sporters, ploeg- en bondsleiders. Zij moeten een goede relatie met die mensen onderhouden om nieuws te sprokkelen, hen te kunnen interviewen of hen uit te nodigen op de Gouden Schoen of de Flandrien van het Jaar, organisaties van hun kranten. Denk je dat dit lukt als je hen geregeld uit de zak geeft?

Dat de affaire-Armstrong in de Vlaamse pers nauwelijks werd uitgebeend, kwam omdat onze kwaliteitskranten – in tegenstelling tot de Volkskrant en de NRC – sport weinig maatschappelijk relevant vinden en hun sportpagina’s overgeleverd hebben aan hun zusterkranten. Van Laeken vindt het geen toeval dat de recente verhalen over de voetbalschandalen van de hand zijn van niet-sportjournalisten. Dat klopt niet helemaal. Sommige van de meest onthullende bijdragen waren het werk van voetbaljournalisten, zoals mijn uitmuntende ex-student Bart Lagae. Het meeste nieuws kwam inderdaad van journalisten die het gerecht volgen en daar goede bronnen hebben. In het voetbal zijn die dezer dagen zo schaars als bladeren aan de bomen.

De verhalen uit Football Leaks zijn in de Vlaamse pers van de hand van algemene journalisten. Hoe kan het ook anders? Het onderzoeksplatform dat over de teksten van informant ‘John’ beschikt, speelt die in Vlaanderen door aan De Standaard, dat geen enkele sportjournalist heeft. Ik was de eerste en voorlopig enige sportjournalist van De Standaard (2002-2006). Bovendien was het De Standaard die tijdens het WK in Rusland schreef dat kritische voetbaljournalisten azijnpissers zijn en dat we de polonaise met de Rode Duivels moesten dansen. Hallo Tokio?

En nog een ‘detail’. Ik kan de naam van Frank Van Laeken niet terugvinden in de memento van de sportpersbond, maar veronderstel dat hij een officiële perskaart heeft en dan ook enigszins vertrouwd is met de rechten en plichten van journalisten. Om beschuldigingen te uiten, moet je bewijzen hebben. De sportjournalisten beschikken niet over de resultaten van de dopingtesten van Armstrong, de gehackte e-mails van ‘John’ of de telefoontaps van onderzoeksrechter Raskin.

Zonder bewijzen riskeer je een proces, Frank. Het enige wat nog kan, is de grenzen van de kritiek aftasten. Dat heb ik bijna veertig jaar gedaan. Bijna dagelijks in de krant en in ‘Eeuwige amateurs’ een boek uit 1995 over de wantoestanden in ons voetbal. Ik ben al vijf jaar op rust, maar probeer in mijn wekelijkse column in het onmisbare Sport/Voetbalmagazine en deze site dat nog steeds te doen. Dat is niet de Dreyfus in mij, maar de Don Quichote.

Even zoeken op gopress.be en dan blijkt dat ik dit jaar in S/VM zeven keer geschreven heb over financiële fair play ( bijna steeds over PSG en Man City) en drie keer over een mogelijke Europese Superliga. Ik ben zo ver gegaan als ik kon in een paar zaken die nu overduidelijk aan het licht kwamen. Ik wist dat Pierre François aan Moeskroen de wenk had gegeven om de club officieel uit de handen van de makelaars te halen, maar kon niet verder gaan dan ‘dat dit gebeurde op advies van de Pro League.’ Ik wist dat Mogi Bayat twee clubvoorzitters had gezegd dat ze zouden degraderen als ze niet meewerkten aan de transfers die hij voor ogen had, maar als zij dat niet on the record wilden bevestigen, moest ik me beperken tot ‘een makelaar zei aan twee clubs dat hij over degradatie beslist’.

Tot slot ga ik nog even op de man spelen. Dat doen bankzitters nu eenmaal geregeld in de hoop dat een blessure hen een kans in de basis geeft. Frank Van Laeken was de persverantwoordelijke en woordvoerder van Beerschot en zat dus op de eerste rij toen de malafide praktijken van voorzitter Patrick Vanoppen ‘de Mannekes’ naar de verdoemenis hielpen. Hij weet beter wat er in een club gebeurt dan alle voetbaljournalisten samen. Maar ik heb hem toen en nadien daar nooit horen over piepen. En dan maar jammeren dat supporters lak hebben aan de schandalen in het voetbal. Nee, bankzitters hebben ( bijna) altijd ongelijk.

 

Share.

About Author

Leave A Reply