Zelfs Theo Janssen scoort met ‘biografie’

Op de lijst van best verkochte boeken in Nederland staat Theo Janssen al vier weken achtereen in de Top 10. Het boek is inmiddels van de eerste naar de zevende plaats gezakt, maar nog altijd hoger genoteerd dan Michelle Obama en Tommy Wieringa.  Niemand kijkt er van op, want boeken over sportfiguren scoren al jarenlang flinke verkoopcijfers. Het is een fenomeen dat recent zelfs is uitgediept in een promotieonderzoek aan de Radboud Universiteit in Nijmegen.

Theo Janssen (37) is niet verheven tot hoofdpersoon in het zoveelste voetbalboek omdat hij een daadwerkelijke topvoetballer was. Hij was wel gezegend met een heerlijke traptechniek en altijd kleurrijk door zijn gedrag, zowel óp buiten het veld.  In het boek vertelt Theo Janssen over roken, frikandellen, tatoeages, kots in een handtasje, scheten laten en, jazeker, af en toe warempel ook over voetbal.

Marcel van Roosmalen tikt dat allemaal op, 222 pagina’s lang,  maar verheelt niet zijn bedenkingen, zijn cynisme, over zoveel leegheid in het leven van een voetballer. De verveling slaat zelfs toe in het gezucht over en weer bij het zoeken naar de juiste titel, die uiteindelijk uitkwam op Theo Janssen – Marcel van Roosmalen op pad met De Dikke Prins.

RACING GENK

Het pad van Theo Janssen leidt hem vooral naar de plekken die hij kent in zijn geboortestad Arnhem.  Op deze mooi beschreven roadtrip wordt hem enkele keren voorgesteld ook herinneringen op te halen in Genk, maar de behoefte blijkt bij Theo Janssen niet erg groot. ‘Ik kan dat appartementje waarin ik zat opgesloten nog zó uittekenen, daar zat een kroeg naast. Daar zaten wij vijf dagen per week.’

In augustus 2003 streek hij neer in Belgisch Limburg. Theo Janssen was net 22 jaar en bij Vitesse in een dip beland na het vertrek van coach Ronald Koeman en een beenbreuk. Racing Genk nam hem over op huurbasis, met een optie dat Janssen na betaling van 4 miljoen euro kon worden vastgelegd. In december was hij al terug bij Vitesse. Vervaagd zijn allang de herinneringen bij de supporters die hun kortstondig geliefkoosde linkspoot aanvankelijk nog zo uitbundig bejubelden met ‘Theoooo, we worden kampioen’.

RUGNUMMER 8

Rugnummer 8 droeg Theo Janssen bij Racing Genk, nummer 10 vond hij te beladen. ,,Dat komt door het gezeik bij Vitesse, waar ik met rugnummer 10 een dramatisch seizoen heb beleefd. Misschien is het bijgeloof, maar dat rugnummer heeft me geen geluk gebracht. Bovendien bestaat de echte nummer tien niet meer in het moderne voetbal. Je kunt alle shirts met dat nummer weggooien”, zei Janssen er destijds over.

Na vijftien wedstrijden, opgeluisterd met twee goals, waren trainer Zef Vergoossen en de medespelers hem in december 2003 al beu. Janssen bleef vijf kilo te zwaar en kon het niet meer bijbenen. Succesvoller was hij na zijn terugkeer in Nederland. Bij Vitesse drong hij door tot Oranje. Janssen speelde vijf interlands en werd landskampioen met FC Twente en Ajax. Na zijn terugkeer bij Vitesse kon zijn knie in maart 2014 de belasting van het profvoetbal niet langer aan.

De kleur verdween niet uit zijn leven. Janssen werd jeugdtrainer bij Vitesse en bleef in beeld als de voetbalanalist die op tv, behangen met tattoos in no-nonsense-taal het volk aanspreekt. In die rol is hij dit seizoen vaste tafelgast in de nieuwe zondagavond-talkshow VBTL op de commerciële zender RTL 7.

DE ZOVEELSTE SPORTBIOGRAFIE

De vraag wat een boek over Theo Janssen tot bestseller maakt, valt niet zomaar te beantwoorden. Is dit de zoveelste sportbiografie die voorop ligt in de schappen na spraakmakende boeken over Wim Kieft en René van der Gijp?

In zijn wekelijkse voetbalcolumn in De Volkskrant kwam Paul Onkenhout tot de volgende conclusie: ‘Waarom ik het toch heb uitgelezen weet ik niet. Misschien omdat het zo lekker voortkabbelde, zoals de 10 kilometer bij het schaatsen vroeger. Er gebeurde nooit iets, maar je werd er wel rustig van. (…) Toen ik het na ruim tweehonderd bladzijden door had, zag ik het pas. De sportbiografie is af. Theo Janssen en Marcel van Roosmalen nemen het genre in een gelaagd boek genadeloos op de hak. Dit is een parodie, voetbalhumor op zijn best. En iedereen is er ingetuind.’

PROMOTIEONDERZOEK

Het boek over Theo Janssen verscheen veel te laat om nog in het promotieonderzoek van historicus Aad Haverkamp (1984) te kunnen worden betrokken. ‘Een cultuurhistorische analyse van levensverhalen van Nederlandse topsporters’, noemt hij zijn onderzoek, dat in boekvorm is verschenen onder de titel Biografieën in beweging.

Liefst 208 titels staan erin gerangschikt, het is de oogst uit de periode 1928-2014 die daarna nog veel omvangrijker is geworden. De topsporters vertegenwoordigen 26 sporten, inclusief kickboksen en darts. Voetballers en wielrenners vormen de overgrote meerderheid. In slechts 9 procent van de boeken betreft het vrouwelijke sporters, 3 procent van de boeken is geschreven door vrouwen. In de meeste gevallen zijn sportjournalisten de auteurs.

Niet alle persoonlijke boeken over sporters worden door Haverkamp als biografie beschouwd. Zo  is  Geen Genade (over voormalig Ajacied Andy van der Meijde, 2012) niét  in het onderzoek betrokken en boeken over René van der Gijp en Wim Kieft wél. Voor zijn  motieven voert Haverkamp academische argumenten aan.

EXTRA INTERESSANT

Los van deze motivering levert het boek veel inzichten op over de inhoud van de vele boeken over topsporters. Daarnaast is er volop aandacht voor de belangrijkste ontwikkelingen in de Nederlandse sportwereld, de sportjournalistiek en voor grotere maatschappelijke thema’s als het nationalisme in Nederland rond sportevenementen. Dat maakt het extra interessant om te lezen.   

De trendbreuk in het genre sportbiografie ligt volgens Haverkamp bij voetballers als René van der Gijp en Wim Kieft en Glenn Helder, drie gevallen helden met een flamboyant leven. Van Arsenal naar de bajes was de titel van een boek over de gokverslaafde Glenn Helder. En Wim Kieft onthulde in zijn biografie alles over zijn verslavingen aan cocaïne en alcohol. ,,Ik denk dat je de ontwikkeling van de sportbiografie kan vergelijken met het steeds verder opengegaan van een kleedkamerdeur”, licht Haverkamp toe.  

Die deur blijft openstaan, ook in 2019. Want deze week verschijnt Gerard van der Lem – Mijn jaren met Louis van Gaal, Pep Guardiola, José Mourinho en andere wereldsterren, gevolgd door Aparteling over Jan Jongbloed, keeper in twee WK-finales met Oranje. Volgende maand wordt het afscheid van Robin van Persie ingeleid met een biografie waaraan hij zelf géén medewerking heeft verleend. In niet elke biografie hoeft het immers over sappige onthullingen te gaan.

TWITTER:  @hmees

About Author

Leave A Reply