Euforie rond De Leeuwinnen

Google+ Pinterest LinkedIn Tumblr +

De ogenschijnlijke luxe van het Nederlandse voetbal weerspiegelt zich deze maand op twee internationale podia. Oranje is in Portugal een van de vier teams bij de finaleronde van de allereerste Nations League, een toernooi waarin miljoenen euro’s te verdienen vallen. Het nationale vrouwenteam, dat in eigen land gekoesterd wordt als De Leeuwinnen, begint als regerend  Europees kampioen aan het WK in Frankrijk.

De populariteit van het vrouwenteam kwam zaterdagavond tot uitdrukking in het stadion van PSV waar bij de zogeheten uitzwaaiwedstrijd tegen Australië (3-0) met 30.640 toeschouwers een record-belangstelling werd genoteerd. Zoveel enthousiasme leidt ook tot commerciële exploitatie.

De vrouwelijke voetbalidolen zijn uitgegroeid tot reclameobjecten; in de supermarkten, in reclamecampagnes, op indrukwekkende billboards langs de snelwegen, in tv-specials. Vanaf vrijdag komt de NOS, naast de gebruikelijke reportages uit Frankrijk, ook met de dagelijkse talkshow Studio France waarin voornamelijk vrouwen als analisten aanschuiven.

PORTEMONNEE

De sterk toegenomen betekenis van het vrouwenvoetbal, althans wat Oranje betreft, zien de speelsters langzaamaan ook enigszins terug in de portemonnee. De vergoeding per wedstrijd per speelster bedraagt 750 euro. Dat is nog geen 20 procent van de 4.000 euro die de mannelijke internationals elke wedstrijd opstrijken. De KNVB heeft nu toegezegd in de periode tot 2023 de verdiensten van de vrouwen naar het niveau van de mannen toe te laten groeien.

Wat uit de commerciële inkomsten naar de mannelijke internationals toevloeit is tot nu toe aardig geheim gebleven. Hoeveel de spelers kunnen opstrijken uit de premies in de Nations League is evenmin bekend. Liefst 6 miljoen euro bedraagt de bonus voor de landenploeg  die zondag de vierkamp in Portugal winnend afsluit. De verliezend finalist ontvangt 4,5 miljoen, voor de nummers 3 en 4 resteert respectievelijk 3,5 en 2,5 miljoen. De uitkeringen van de UEFA lopen daarmee voor de winnaar van de Nations League op tot 10,5 miljoen euro, inclusief 2,25 miljoen startgeld en 2,25 miljoen voor de groepszege.

VERSCHILLEN

Het zijn bedragen waarvan de vrouwelijke internationals nog duizelen. Ze beschikken weliswaar over vergelijkbare faciliteiten qua hotels en voorbereiding, de meeste speelsters hebben ook niet te klagen bij hun clubs, maar een flinke kloof met de mannen blijft het. Met de verschillen worden ze ook in eigen kring geconfronteerd. Sommigen spelen bij Barcelona, Olympique Lyon of Arsenal – Europese topclubs in het vrouwenvoetbal; een minderheid is nog niet weg kunnen komen uit de nauwelijks bekeken en armlastige Eredivisie.

In die Eredivisie komt de achterstand op de mannen nadrukkelijk tot uiting. Ten opzichte van de nationale competitie is Oranje de vlag op een modderschuit. Menig club heeft moeite het hoofd boven water te houden. De gemeente Heerenveen en de KNVB moesten onlangs sc Heerenveen te hulp schieten. Achilles Vrouwen stopte door geldgebrek. De Eredivisie trekt nauwelijks publiek en heel weinig media-aandacht. Het is een schril contrast met de  ruim 60.000 toeschouwers die onlangs bij de Spaanse competitiewedstrijd tussen Atletico Madrid en FC Barcelona werden geteld. 

GROOTSTE VROUWENSPORT  

Jan-Dirk van der Zee, directeur amateurvoetbal bij de KNVB, wijst de beschuldigende vinger naar de clubs in het betaald voetbal.  ,,Deze competitie wil ondanks de goede bedoelingen en talentvolle speelsters maar niet van de grond komen. Het is het directe gevolg van de weinig daadkrachtige aanpak van de profclubs”, stelde Van der Zee onlangs.

De vraag is of hij gelijk heeft. Topclubs als Ajax en PSV zijn al vertegenwoordigd  in de Eredivisie en maken er serieus werk van. Of clubs met minder allure de aantrekkingskracht van de Eredivisie relevant verhogen, is onzeker. Aanwas is er genoeg. Liefst 17 procent van de 1,2 miljoen leden van de KNVB is vrouw of meisje. Daarmee is voetbal het historisch sterk verankerde vrouwenhockey als grootste vrouwensport ontgroeid.

TOPPERS

Op jonge leeftijd spelen de meeste meisje nog in gemixte teams, samen met jongens. Daar ontwikkelen ze hun talenten, daaruit zijn in de loop der jaren internationale toppers voortgekomen.  Lieke Martens, aanvalster bij FC Barcelona, werd in 2017 door de UEFA verkozen tot de beste speelster ter wereld en door de FIFA tot de beste ter wereld uitgeroepen. Naast Lieke Martens bepalen ook Vivianne Miedema en Shanice van de Sanden de aanvalskracht van De Leeuwinnen. Miedema (Arsenal)  moet nog 23 jaar worden, maar speelde al 74 interlands en scoorde daarin liefst 58 keer. Shanice van de Sanden (Olympique Lyon) completeert de aanval en valt daarin op door zowel haar snelheid als een steeds weer nieuwe haardracht.

De offensieve kwaliteit van het Nederlandse vrouwenteam kan tot ontplooiing komen dankzij  vaardige middenveldsters als Daniëlle van de Donk en Jackie Groenen, spelend bij respectievelijk Arsenal en (komend seizoen) Manchester United, aangevuld met veel degelijkheid achterin. Bondscoach van dat uitgebalanceerde team is Sarina Wiegman, een 49-jarige ex-international. Onder haar leiding hebben de Leeuwinnen de weg naar de internationale tot gevonden. Zij had het geluk dat de beste speelsters tot bloei kwamen bij hun clubs in het buitenland. Ook kanaliseerde Wiegman op kalme wijze de soms geprikkelde onderlinge verhoudingen.

‘DERTIG KEER WERELDKAMPIOEN’

Even koeltjes relativeert Wiegman nu de kansen van de Europees kampioen op het WK in Frankrijk.Na de 3-0 zege op Australië, nummer zes op de FIFA-ranglijst, relativeerde zij de euforie in  rake bewoordingen. ,,Laten we alsjeblieft even nuchter blijven. Ondertussen zijn we al dertig keer wereldkampioen geworden.”

Share.

About Author

Leave A Reply