Een gedachte bij 75 jaar Auschwitz: de herinnering aan het joodse voetbalhumanisme (2) – RW

Pinterest LinkedIn Tumblr +

Een gedachte bij 75 jaar Auschwitz: de herinnering aan het joodse voetbalhumanisme (2) – RW

De dood van het schone Weense spel: Matthias Sindelar en ‘Das Anschlussspiel’ van 1938

Meer dan 75 jaar geleden leerde de wereld de verschrikkingen van ‘Auschwitz’ kennen. Het grootste concentratiekamp stond symbool voor de Holocaust en werd in januari 1945 ‘bevrijd’. Minder bekend is dat de nazi’s ook het voetbal verketterden als ‘das Judenspiel’. Althans de ‘joods-humanistische’ variant ervan. Die ging uit van drie ideeën: artistieke en creatieve spelstijl, een professionele organisatie en een model van opvoedkundig burgerschap. Dat ‘joodse voetbalhumanisme’ lag aan de basis van het mooiste voetbal uit de geschiedenis van de twintigste eeuw: het Oostenrijkse Wunderteam (1931-1937) en de Hongaarse ‘Magic Magyars’ (1950-1955). Het beïnvloedde ook het Braziliaanse sambavoetbal van Pelé in de jaren zestig en de Hollandse School van Johan Cruijff in de jaren zeventig. In deze miniserie maakt u even kennis met deze aparte kijk op voetbal. Meer lezen? ‘Weltmeister’ en ‘Wereldvoetbalzomers van België 1920 tot Brazilië 1970’: zie Voetbalbibliotheek De Witte Duivel.

Ik zit in een van de klassieke koffiehuizen in de buurt van de Ringstrasse in Wenen, tussen de theaters en de historische gebouwen. Op het marmeren tafelblad staan het glaasje water en de cappuccino italiano. Voor mij ligt de krant-op-de-stok. Tijdens de zomer van het Europese kampioenschap van 2008 speur ik naar die verloren gegane Wiener Schule, die het denken van Walther Bensemann (zie deel 1 van gisteren) zo heeft beïnvloed. Wat had hij die graag naar Duitsland geïmporteerd! Het tegendeel gebeurde: precies zeventig jaar eerder, met das Anschlussspiel, viel het doek over een bepaald aspect van Wenen. Op 12 oktober 1902 had Oostenrijk Hongarije met 5-0 afgetroefd in de allereerste interland op het Europese vasteland. Geen enkele stad ter wereld telde zoveel uitstekende elftallen: liefst twaalf topclubs! Tussen 1926 en 1938 ontspon zich de strijd om de Mitropacup, de voorloper van de Champions League. In acht van de twaalf edities drong een club uit de Weense metropool tot de finale door en vier keer juichte men om het goud. De Weners – in de stadions Prater en Hohe Warte – braken met hun massale aanwezigheid alle vooroorlogse records: rond de 60.000 in de Mitropacup en 80.000 voor een duel met Italië. Voetbal is ooit een levensader van het oude Wenen geweest, met een rechtstreekse bloedlijn naar de culturele scène. Er werd geredetwist in de koffiehuizen over stijl. Artisticiteit versus strijd. Spektakel versus resultaat. Fantasie versus militaire discipline. Het democratische Oostenrijk (das Rote Wien) versus het fascistische Italië/Duitsland. Ik lees het in Mehr als ein Spiel. Fussball und populäre Kulturen im Wien der Moderne en in 100 Jahre, die Highlights des Österreichischen Fussballs. Over de voetbalinvloed van het Joodse humanisme, over de tragische held Matthias Sindelar.

Nazi’s vernietigen das Judenspiel

Naargeestig. Met dat gevoel verliet Richard Eberstaller op 28 maart 1938 zijn kantoor. Het waren lugubere tijden, de tijden van het lugubere lijden. Hij sloot letterlijk en figuurlijk de deur van de tijdens het voorbije decennium zo vermaard geworden Österreichischer Fussball-Bund (OFB). Met de inval van nazi-Duitsland op 13 maart 1938 veranderde ook het aanschijn van het Oostenrijkse voetbal. Het door Walther Bensemann eens zo geprezen Wunderteam hield op te bestaan, als gevolg van een misdadige razzia van zijn barbaarse landgenoten. Het Derde Rijk slorpte het Weense voetbal met één brutale hap op. Oostenrijkse voetballers, overal in Europa gefêteerd voor hun briljante balmeesterschap, gingen van dan af als Ostmärkern door het leven. Bij het wereldkampioenschap van 1938 in Frankrijk zou het reichsdeutschen Fussball toeslaan. De nieuwe Duitse bondscoach Sepp Herberger diende ‘auf höchsten Befehl’ de Duitse Kampfstil met de Wiener Schule te verbinden om de wereldtitel te veroveren. De gevolgen voor het Oostenrijkse voetbal waren dramatisch. De eerste officiële mededelingen van de nieuwe bondsleiding logen er niet om: ‘Alle Jüdischen Sportler sind aus dem Sport- und Spielbetrieb und den Vereinen ausgeschieden.’ Het werd nog wranger, want na het laatste fluitsignaal van alle wedstrijden werden de beide teams verplicht om de hielen tegen elkaar te klakken, de arm schuin in de lucht te heffen en vervolgens drie keer ‘Sieg Heil’ te brullen. Dit vonnis in commandostijl zou uitmonden in de verbanning van en de jacht en de moord op Joodse functionarissen en voetballers. Zij hadden de goede Weense smaak geschapen. Het zou hen zuur opbreken. Ten slotte volgde het nekschot: het in 1924 aan de oevers van de Donau ontsprongen professionele spel werd met één cynische pennentrek naar de archieven verwezen. De nationaalsocialisten scholden het beroepsvoetbal uit als das Judenspiel en verplichtten Weense topspelers te tekenen voor het staatsapparaat of… voor het leger. Sommigen sneuvelden aan het Oostfront.

Op vraag van Sindelar spelen in het donkerrode uitshirt

In de ultieme aanloop naar de wereldbeker van 1938 organiseerde Berlijn het zogeheten ‘Anschlussspiel’, in een meer diplomatische versie ook ‘de wedstrijd der grote verzoening’ genoemd, das Versöhnungsspiel. In de langetermijnvisie van de architecten van het Duizendjarige Rijk zou dit een historisch duel worden: de laatste Duitsland-Oostenrijk. Daarna gold voor beide landen de onverbrekelijke broederband tot het einde der tijden. Het liep anders. Matthias Sindelar, het boegbeeld van het Wunderteam en algemeen beschouwd als de beste Europese voetballer van zijn tijd, onderkende het symbolische belang. Hij poneerde met kracht zijn stelling: voor de laatste keer mocht Oostenrijk, op zijn vraag, in het donkerrood-wit aantreden. Dat geeft de bron 100 Jahre! Die Highlights des Österreichischen Fussball prijs: ‘Auf besonderen Wunsch von Kapitän Matthias Sindelar trugen die Österreicher den rot-weiss-roten Dress.’

Net als de Oostenrijkers speelden de Duitsers traditioneel in het wit en zwart, maar tijdens internationale verplaatsingen droeg  das Wunderteam meestal het donkerrood en wit. Sindelar was een Oostenrijkse patriot en beschouwde das Anschlussspiel in feite als een uitwedstrijd. Aan die verdomde, verplichte Hitlergroet voor de aftrap kon niemand ontsnappen. Het duel bezweek onder de uiteenlopende verwachtingen. De nationaalsocialisten doopten de affiche om tot Ostmark gegen Altreich. Volgens de auteurs Dirk Bitzer en Bernd Witting in Stürmen für Deutschland. Die Geschichte des deutschen Fussballs von 1933 bis 1954 stuurden de nieuwe machthebbers aan op een kunstmatige opstoot van ‘deutsch-österreichischer Zusammengehörigkeit’. De Oostenrijkse politieke oppositie hoopte in stilte op een gebaar van verzet in het stadion en de liefhebbers van de Weense school keken uit naar een laatste demonstratie van het Wunderteam.

Share.

About Author

Leave A Reply