ZAALVOETBAL IN BELGIE: In de toekomst een volwaardige indoorsport? (2) – Dirk Van Overbeke, voorzitter ZVC GS HOBOKEN

Google+ Pinterest LinkedIn Tumblr +

BETERE STRUCTUUR EN OMKADERING

Alles start met het belang van gestructureerde bondsinstanties, omdat zij het zijn die het beleid bepalen en van daaruit een voorbeeldfunctie hebben.

In het huidige zaalvoetballandschap zijn clubs met een planning op middellange termijn eerder uitzonderingen dan de regel. Het is dan ook begrijpelijk dat België, vergeleken met de Europese en wereldtoppers, op alle vlak achterop hinkt. De goede bedoelingen van de bondscoach(es) ten spijt, missen spelers soms de basiskwaliteiten en weten ze niet altijd met de tactische richtlijnen om te gaan.

In Spanje, Portugal en Italië is men al langer tot het besef gekomen dat structuur en een langetermijnvisie de basis zijn en hebben vele nationale veldvoetbalclubs ook een zaalvoetbalafdeling. Hier zijn op topniveau geen spelers meer die zaal en veld combineren. Het is trouwens geen toeval dat in deze landen de interesse van  overheid en media voor het zaalvoetbal veel groter is, inclusief live uitzendingen van wedstrijden op televisie.

Voor de clubs is de eerste vereiste de structurele uitbouw, dan pas volgt de invulling van het financiële plaatje.  Er is een omkadering nodig door bekwame bestuursleden die een dito clubbeleid garanderen en oog hebben voor recrutering, opleiding, begeleiding en jeugd. We mogen niet vergeten dat een club leiden tegenwoordig een pak meer structuur en organisatie eist dan enkele jaren geleden. En net daar wringt in vele nationale en provinciale zaalvoetbalclubs het schoentje. Goede wil alleen van enkele vrijwilligers volstaat niet. Kunnen clubs de beoogde ambitie zelfstandig bereiken of moeten de krachten gebundeld worden? Als men dat niet wil, moeten de ambities soms teruggeschroefd worden.

Misschien zijn we beter af met minder, maar beter gestructureerde clubs op onze beperkte oppervlakte, dan een grote hoeveelheid aan clubs waarvan het bestaan aan een zijden draadje hangt?

In geval van een fusie van de federaties mogen we rekening houden met het verdwijnen van 20 tot 25 procent van de huidige clubs wegens fusie of stopzetting van de clubactiviteiten. Met andere woorden enkel de best gestructureerde teams zullen overblijven.

Een aantal bestaande provinciale clubs, dikwijls met enkel een ‘papieren’ bestuur, zijn waarschijnlijk veiliger onder de koepel van een nationale club die beter georganiseerd is. Dit zorgt ondertussen eveneens voor meer toeschouwers op de tribunes.

COMPLEMENTARITEIT VAN ZAAL- EN VELDVOETBAL

Meer en meer veldvoetbalclubs zien stilaan in dat jeugdzaalvoetbal misschien wel een extra dimensie kan geven aan hun jeugdopleiding. Jeugdzaalvoetbal biedt een algemene opleiding aan jeugdspelers. Het hoeft niet als concurrent worden gezien van het veldvoetbal, maar eerder als een belangrijke aanvulling, een bijkomende opleiding. Het Braziliaanse systeem bewijst voldoende het nut van zaalvoetbal in de opleiding van topveldvoetballers.

Louter en alleen uit angst voor blessures verbieden sommige veldvoetbalclubs, en dit soms tot in de laagste provinciale reeks, hun spelers om te zaalvoetballen. Die clubs beseffen niet dat ze op die manier zowel de club als de spelers nadeel berokkenen.

Er zijn wetenschappelijke (vooral statistische) argumenten die het fabeltje ontkrachten dat de kans op blessures in het zaalvoetbal groter zou zijn dan op het veld. Vroeger werd er nog veel op betonnen vloeren gespeeld, maar ondertussen is de kwaliteit van de sportvloeren enorm verbeterd.

In België blijft het wachten tot de KBVB eindelijk het statement durft te maken dat zaalvoetbal de ontwikkeling van een veldvoetballer alleen maar ten goede komt.  Het vormt immers een aanvulling van de veldtrainingen, waar alle speltechnische facetten niet altijd aan bod komen.

Combinaties in de kleine ruimte, snelle balcirculatie, traptechniek, dribbelen en doelgerichtheid zijn kwaliteiten van zowel de moderne zaal- als veldvoetballer.

Het is geen toeval dat gerenommeerde professionele voetbalclubs meer en meer in zaal trainen. Vooral in de koude wintermaanden is het bij een aantal veldvoetbalclubs ondertussen al lang een traditie om in zaal te gaan trainen.

Het is overduidelijk dat zaalvoetbal bijzonder complementair is met veldvoetbal. Als we naar Spaans, Portugees en Italiaans model willen evolueren dan moeten veldvoetbalclubs er zich nog meer bewust van worden dat zaalvoetbal voor jonge voetballers een enorme technische verrijking inhoudt. Ook hier was in België voortschrijdend inzicht noodzakelijk.

Futsal wordt de laatste jaren toch steeds minder als concurrent van veldvoetbal bekeken. Futsal is een aanvulling op veldvoetbal en een aantal Braziliaanse, Spaanse en Portugese topvoetballers zijn hun carrière begonnen in de zaal.

Lees morgen deel 3.

Share.

About Author

Leave A Reply