Wim Suurbier en de truc van Michels (of Cruijff?)

Pinterest LinkedIn Tumblr +

Gaandeweg sterven ze uit.  Met Wim Suurbier is opnieuw een speler uit de succesvolle Nederlandse WK-generatie van 1974 overleden. Eerder dit jaar ging Rob Rensenbrink heen. Suurbier is al de negende speler uit de eerste fase gouden jaren van Ajax (1969-1973), die is overleden – na Johan  Cruijff, na Piet Keizer, na Barry Hulshoff, na Velibor Vasovic, na Gerrie Mühren, na Nico Rijnders, na Dick van Dijk, na Gert Bals.

Het zijn namen die weemoed oproepen bij Nederlandse voetballiefhebbers die zich nog herinneren hoe Wim Suurbier als rechtsback over de rechterflank naar voren flitste. Hij debuteerde bij Ajax op 19-jarige leeftijd, nog voordat Johan Cruijff opkwam en Rinus Michels het roer in handen kreeg. Zeven keer werd Suurbier landskampioen met Ajax, drie keer behoorde hij tot het  team dat de Europa Cup voor landskampioenen won. Zestig interlands kreeg Suurbier op zijn naam, hij speelde in twee WK-finales en kwam bij Ajax tot  509 wedstrijden.

Daarna vertrok Suurbier naar het buitenland, waar hij speelde voor Schalke 04, FC Metz, de Los Angeles Aztecs en Tampa Bay Rowdies. De uitloop van een imposante spelerscarrière liet weinig onvergetelijke indrukken na. Eenmaal weg uit Nederland spraken zijn prestaties nauwelijks nog tot de verbeelding.

De neergang kreeg een vervolg in zijn privéleven. Eind april werd Wim Suurbier, eenzaam in zijn appartement, getroffen door een hersenbloeding. Hij herstelde niet meer en overleed zondag 12 juli op 75-jarige leeftijd in het VU Medisch centrum te Amsterdam.

MODERNE VERDEDIGER

In menig In Memoriam in de Nederlandse media overheersen zijn grappen en grollen, zijn drankgedrag en andere escapades. Maar wie Suurbier heeft zien spelen in zijn beste jaren herinnert zich op de eerste plaats een snelle, moderne verdediger. Altijd geconcentreerd, gevreesd bij tegenstanders om zijn rushes langs de lijn, ook al  eindigden ze veel te spaarzaam in pasklare voorzetten.

Óók was Wim Suurbier een brute kracht die nooit messcherpe tackles schuwde. Hij kon het zich permitteren in een tijdsgewricht dat scheidsrechters hiervoor te vaak hun ogen sloten. Suurbier was geboren in Eindhoven, in een Amsterdams gezin dat tijdens de oorlogsjaren meer vrijheid in het zuiden had opgezocht. Hij groeide op in Amsterdam met de flair die de hoofdstedelingen eigen is en waarmee hij menig tegenstander imponeerde én intimideerde.

LINKSBUITEN

Hij was geen verdediger van origine. Linksbuiten speelde Suurbier zelfs in een Amsterdams jeugdelftal, als speler van amateurclub Amstel, toen Ajax-trainer Janny van der Veen hem ontdekte op 17-jarige leeftijd. Hij ontpopte zich als een veelzijdig voetballer en werd omgeturnd tot verdediger. In die rol drong hij binnen twee jaar door tot het eerste elftal  van Ajax.

Met Wim Suurbier kon Rinus Michels op een van de snelste rechtsbacks van Europa vertrouwen. Het was een wapen, zowel aanvallend als verdedigend. Bijzonder was hoe Rinus Michels dat van pas kwam toen Ajax op 24 maart 1971, op weg naar de eerste Europese triomf, de return moest spelen tegen het toen nog gevreesde Celtic. Thuis had Ajax met 3-0 gewonnen, in Glasgow pakte Michels uit met een list waarin een speciale rol voor Suurbier was weggelegd. Het was een tactische noviteit zoals die destijds maar zelden werd toegepast.

ANALYSE VAN CRUIJFF

Vele jaren later keek Johan Cruijff op een rustig moment in Barcelona nog steeds met voldoening terug op die vondst met Suurbier als rechtsbuiten, een tactische zet die bedoeld was om voor Cruijff méér vrijheid te creëren. In het voorjaar van 1994 kon Cruijff nog haarfijn navertellen hoe dat destijds ging, Als een voorbeeld. Niet omdat er concreet succes mee was geboekt, de wedstrijd ging met 1-0 verloren en Cruijff werd bont en blauw geschopt. Nee, voor Cruijff bevestigde dat trucje hoe je met het uitbuiten van een zwak punt bij de tegenstander je eigen team sterker kunt maken.

Daarom Cruijff nog eens met zijn analyse, hoe hij destijds sprak over de tactische variant met een hoofdrol voor Suurbier, met details alsof niet Michels maar hij de bedenker was geweest, alsof er in 1994 nog lang geen kleine 25 jaar was verstreken sindsdien:

„De beste van Celtic was hun linksback, Tommy Gemmell. Hij had één makke, als hij werd gedekt, dan wist ie ‘t niet meer. Bovendien was hij niet snel. Wat doe je dan? Dan zeg je, oké, ik zet iemand tegen hem die ietsje terugkomt, waardoor de ruimte in zijn rug groter wordt. Dus hebben we onze rechtsback Wim Suurbier die avond als rechtsbuiten opgesteld. We zeiden eigenlijk: Suurbier is heel snel en kom jij, Gemmell, maar eens lekker op een kleiner stuk spelen. En wie komt er drie keer vrij voor de keeper? Juist, Suurbier. Toen ging één van hun middelste spelers achter die linksback spelen. Dat was het geintje. De opzet was om mij vrij te krijgen en dat kon alleen maar op die manier. Het gat achter de linksback groter maken, waardoor die linksmidden er achter ging spelen en mijn ruimte groter werd. Er kwam een gat zo groot als een parkeerplaats. Zo doe ik het bij Barcelona ook wel eens. Het is schaken, maar geen dooie manier van schaken. Dit zijn voor mij de leukste dingen. En ze zijn vooral zo leuk omdat je voor die varianten altijd moet aanvallen.” 

NOOIT MEER

Voor zover bekend is de truc met Suurbier nooit meer toegepast, niet bij Ajax, niet bij Oranje. Was het omdat Michels in 1971 Ajax al  had verlaten, omdat Suurbier na het WK van 1974 niet meer onder hem zou spelen, omdat hij na de met 1-0 gewonnen WK-kwalificatiewedstrijd tegen België op 26 oktober 1977 nooit meer samen met Cruijff voor Oranje zou uitkomen?

Helaas, we zijn vergeten het tijdig na te vragen bij Wim Suurbier.

TWITTER: @hmees

Share.

About Author

Leave A Reply